Op oudjaarsdag, zaterdag 31 december gaat de training gewoon door!
Na afloop van de training appelflappen en koffie!
Trainen
Loopgroep Sneek traint op de dinsdagavond 19:30-20:45, donderdagochtend 09:00-10:15, donderdagavond 19:30-20:45, zaterdagochtend 09:30-10:45, locatie Zeilsoos-Sneeker Jachthaven. Zondagochtend, clinictrainingen.
Loopgroep IJlst traint op de woensdagavond 19:30-20:45, locatie Sporthal Utherne.
Loopgroep IJlst traint op de woensdagavond 19:30-20:45, locatie Sporthal Utherne.
Proeftraining of informatie: rnwths@gmail.com
maandag 19 december 2011
ADVENTURERUN 2011
Adventure Run 2011
Het parcours
Een veerboot vol lopers; een opgewonden sfeer, rumoer, gekakel. Je zal er maar als niet loper tussen zitten. De gesprekken gaan over prestaties, over trainingen, blessures, over de juiste kleding en over wat deze dag ons zal brengen. Ik luister met een half oor, terwijl er boven het Wad een inktzwarte lucht hangt. In gedachten laat ik het parcours voor de zoveelste keer in mij omgaan. De start, het bos en de duinen met de steile klimmetjes en de scherpe bochten, het kale stuk naar het strand, de strandopgang en dan stokt het. Het strand....het boezemt ontzag in. Hard of zacht, wind tegen of mee, hoog of laag water, het maakt een enorm verschil. Wat geen verschil maakt, is de afstand; ruim 5 kilometer op dat vermaledijde strand! Het is en blijft een zware opgave. Dan verlaat ik het strand, weer duinen, langs de camping en dan de polder en de waddendijk op weg naar Buren. Geen beschutting. En dan nog van Buren naar Nes. Een warm onthaal, dat staat als een paal boven water, want dat hebben ze beloofd in de laatste Nieuwsbrief.
De veerboot meert af; ongeduldig getrappel. De zon laat zich inmiddels af en toe even zien. Dat stemt tot optimisme. De wind waait vanuit het westen en is matig tot krachtig. In “colonne” wandelen we naar de sporthal.
Meten is weten
Ik sta aan de start, dicht opeen gepakt. Het is fris, waterig koud, af en toe wat zon. Niemand staat stil. Er worden nog wat raadgevingen links en rechts rondgestrooid. De speaker vertelt ons dat we over 5 minuten vertrekken. Van mij mag het, ik ben er klaar voor. En dan die knal. Niemand om mij heen zegt nog een woord. Langzaam schuifelen we wat naar voren. Steeds wat sneller. Ik passeer de tijdmeting en druk op een knop van mijn “horloge”, want zonder dat kun je niet hardlopen. Garmin, Nike, Polar of welk merk dan ook. Vrijwel iedereen bezit zo’n calculator. Lopen maar, dat zou je haast vergeten. Veel publiek. Aanmoedigingen. Lopen! Naast mij wordt verteld dat we 12 kilometer in het uur halen en dat het volgens planning is. Waaruit ik de conclusie trek dat mijn buurman op zijn “horloge” heeft gekeken. Het is een bevestiging van wat ik al vast stelde: “zonder zo’n ding kun je niet hardlopen”. Toch heeft het ook nut “zo’n ding”. Ik weet dat ik dit tempo, van 12 km, niet vast kan houden. Ik neem mijn buren goed in mij op. Zwart shirt, lange mouwen, een lange broek en Nike schoenen in zwart en rood. Die ander in een rood shirt, lange mouwen, een haarband in lichtgevend geel/groen en schoenen die ik niet thuis kan brengen. Beiden bril dragend. Ik kom ze vast wel weer tegen. We zijn pas aan het begin stel ik met genoegen vast. Dat ik dat tempo niet kan volgen, blijkt al bij de volgende bocht. Langzaam maar zeker lopen ze, naast elkaar, voor mij uit en verder weg. Ik loop 5 minuten en 20 seconden over een km; dat is 11 km en nog wat per uur. We verlaten het dorp en duiken het bos in. Het is goed uitkijken, modder, korte en steile klimmetjes, een bochtig parcours en een gretige horde lopers. Er liggen takken en er zijn verraderlijke stronken en kuilen die onder een bladerdek schuil gaan. Iedereen probeert zijn ritme te vinden. Als we het bos verlaten op weg naar het strand word ik ingehaald. “Hé meeloper, jij ook hier?” Ik antwoord kort en zakelijk dat het klopt. “Of ik lekker loop”, vraagt-ie. Ik bevestig dat. Ook als ik slecht zou lopen had ik dat gezegd. Je moet nooit het achterste van je tong laten zien. Eerst de finish en dan je eindtijd in je opnemen en daarna vergenoegd meedelen dat je een p.r. gelopen hebt. Of ......met een zuur gezicht vertellen dat het een zware tocht was. Dat is dan een eufemisme voor een teleurstellende tijd. Maar zover is het nog lang niet. “Succes”, roep ik hem nog na, want ook hij loopt mij met gemak voorbij. Je moet wel een incasseringsvermogen hebben als hardloper! Ik weet dan nog niet dat hij een geweldige inzinking zal krijgen.
Onderweg
Ik haal links en rechts wat lopers in. Dat stelt me gerust. Ik zal niet als laatste binnen komen. Bij de strandovergang heb ik mijn ritme te pakken. Mijn tempo is iets omhoog gegaan. Op het strand is het ieder voor zich. Overleven is het motto. Af en toe een blik naar links naar zee. Dan weer strak naar beneden kijkend naar het ietwat natte zand. Het is een heel eind. Ik zie voor mij een lang gekleurd lint lopers. Zo ver ik kan kijken zie ik niemand rechtsaf slaan naar een duinovergang, naar de verlossing. Het is zwaar. Ik besluit aan te haken bij een groepje van vier. Misschien brengt dat verlichting. We zwoegen voort. Gelukkig hebben we de wind in de rug. Dat maakt het dragelijk. Ik slaak een zucht van verlichting als we eindelijk omhoog gaan het duin op. De klim naar boven is voor velen een beproeving. Onze groep valt uiteen. Eenmaal boven kan het herstel beginnen. Maar dat duurt nog even. We slaan rechtsaf. Wind tegen en weer een hellend vlak. Maar eenmaal boven hervind ik mezelf snel. Het tempo zit er weer goed in. Ik nader het 10 km punt. Mijn tijd valt niet tegen. Ik denk dat het zwaarste deel van “de rit” erop zit. We buigen af in zuidelijke richting. De wind schuin achter. Tot mijn verrassing ontwaar ik “een vriend”. Ik kan een gevoel van lichte triomf nauwelijks onderdrukken. Als ik even later naast hem loop en hem in het gezicht kijk, zie ik dat hij het zwaar heeft, heel zwaar. Hevig hijgend, een verwilderde blik en een moeizaam gestamp. Dan laat ik hem aan zijn lot over. Zijn euforisch “hé, meeloper, jij ook hier” aan het begin van het parcours krijgt geen vervolg. De waddendijk nadert. Nu de wind recht van voren. Het is niet anders. Ik ben ruim over de helft. Het veld lopers ligt behoorlijk uit elkaar. Ik ben volledig op mezelf aangewezen. In mijn hoofd is het een wirwar van gedachten. Het is koud, de wind is vervelend en beschutting is er niet. Links de Waddenzee en rechts de polder. In de verte ontwaar ik het silhouet van Buren. Het lopen gaat automatisch, de benen voelen goed, het tempo van rond de 5.15 minuten per kilometer kan ik niet goed vast houden. Geregeld word ik ingehaald. Soms lukt het me om aan te haken. Helaas maar voor even. Ik heb het gevoel dat ik voort ploeter. Tot overmaat van ramp gaat het regenen en hagelen. Gelukkig maar van korte duur.
Naar Buren
Dan moeten we naar rechts, we naderen Buren. Een eindje voor mij herken ik mijn kwelgeesten van aan het begin met hun 12 kilometer per uur tempo. Ze lopen nog maar een twintig tot dertig meter voor mij. Ik moet ze voorbij. Het tempo gaat wat omhoog. Het kost wel moeite, maar het gaat. Als ik bij ze ben, blijf ik er achter. Als we Buren verlaten, ga ik er langzaam maar zeker voorbij. Een licht euforisch gevoel heeft zich van mij meester gemaakt. Er was aardig wat publiek op de been. Muziek en een enkele aanmoediging schalden door het dorp Buren en dat heeft mij vleugels gegeven. De laatste 2 kilometer zijn aangebroken. Dat is maar goed ook. Eerlijk is eerlijk de vermoeidheid begint behoorlijk de kop op te steken. Toch weet ik het tempo voor mijn doen hoog te houden.
| Frank Klasen en Peter Yntema op het strand |
Het einde nadert
Aan de rand van Nes, met nog een kilometer te gaan, weet ik dat het een zware halve marathon is die ik niet in een persoonlijk record zal volbrengen. Het strand, dat vermaledijde strand, dat heeft erin gehakt. Het kale stuk langs het Wad was ook niet voor de poes. En vergeet vooral niet het begin in het duin- en bosgebied. Nog een 200 à 300 meter met een dicht opeen gepakt publiek langs de kant. Ik pers er nog iets uit wat ik zelf een sprintje zou willen noemen.
Ik druk op een knop van mijn calculator. Een zucht van verlichting. Het is voorbij.
Nawoord
Als de indruk gewekt is dat er leedvermaak in het spel was bij het inhalen van een of meer lopers, dan klopt dat. Als de indruk gewekt is dat ik nooit ben ingehaald, geloof het niet. Niets is minder waar. Ik ben voortdurend ingehaald. Dat blijkt ook wel uit de gelopen tijd en de uitslag. Je mag gerust vaststellen dat ik het zwaar heb gehad. De omstandigheden waren niet echt optimaal, veel wind en een lage temperatuur, een stevige bui met hagel, maar dat ligt ook voor de hand zo midden in december. Of het gezellig was? Of ik genoten heb? Nou en of!
Loopgroep Sneek was vooral op de 5 en 10 km sterk vertegenwoordigd. Hulde voor Arjen en Karin! Zij maakten ons wegwijs, zorgden voor een warming up en spraken ons moed in.
Meeloper
vrijdag 16 december 2011
De galamadammen Run, 11 december.
De Galamadammen Run
Het is zondag de 11de december. Op de agenda van de loopkalender staat de Galamadammen Run voor Kikka vermeld. Voor elk wat wils met 5, 10 en 16,1 kilometer. Aangezien het hardloopvirus zich heeft genesteld binnen Loopgroep Sneek is er geen ontkomen aan voor een aantal van ons. Voor de start beperkt het gespreksonderwerp zich tot de keuze voor 16,1 of 10 kilometer. We nemen cafeïne als doping, een banaan voor de energie en water om het vochtverlies te compenseren. De tijd begint de dringen. Anton Stokman, Durk Brouwer, Pieter Wijnja en Meeloper gaan voor de 10, alleen Peter Yntema stort zich op de 16,1. We doen net of we gaan inlopen, want dat hoort erbij. Het gezicht dat we tonen, verraadt een bepaalde graad van deskundigheid en nonchalance. En wij zijn niet de enigen. We sluiten aan voor de start. Wat ons betreft kan het sein op groen; wij zijn er klaar voor, maar de organisatie blijkbaar nog niet. Het is niet geheel duidelijk waar we precies moeten starten. Maar dat doet er ook eigenlijk niet zoveel toe.
Het parcours
Het is een prachtig parcours dat voor ons ligt. Eerst de tunnel en daarna het uitzonderlijk mooie landschap van dit stukje Gaasterland richting Bakhuizen. Vervolgens het kale stuk naar het Finkebosje met rechts het uitzicht op het wat hoger gelegen Hemelum. Daarna richting Rijs om na een 500 meter rechtsaf te slaan. Eerst dan realiseer je je dat dit toch echt wel een bijzonder stukje Friesland is, want je moet omhoog die keileembult op om Bakhuizen te bereiken. En wanneer je Bakhuizen verlaat richting Hemelum dan “daal” je langzaam maar zeker af om langs de Morra naar de Galamadammen te gaan. Eenmaal door de tunnel zit de 10 kilometer erop. De 10 Engelse Mijlen brengen je opnieuw langs de Morra, maar dan aan de Koudumer kant. Ook daar ervaar je het hoogte verschil om Koudum te bereiken. En tenslotte het laatste traject naar de Galamadammen.
Onderweg
Als het startschot heeft geklonken gaat het los. Wat er vooraan gebeurt, laat zich raden. Ongetwijfeld gaat er weer een aantal hard van door. Het zijn de wedstrijdlopers die voor de prijzen gaan. De rest zet zich toch iets anders in beweging. Het gaat sowieso wat langzamer, waarbij het excuus de drukte en het gedrang als alibi opgeld doet. Laten we eerlijk zijn qua looptechniek kunnen velen van de recreatiesporters wel wat leren van de wedstrijdlopers. En ook de extra kilo’s die hier en daar zichtbaar zijn boren elke illusie om zich te kunnen meten met die groep de grond in. In een wedstrijd ben je elkaars concurrent, in een recreatieve loop ben je elkaars lotgenoot. Als recreant let je veel meer op jezelf en leg je je toe op het behoud van lijf en leden en op de eigen prestatie. Alhoewel......ook de recreant is er niet vies van om sneller, beter en harder te lopen dan een aantal zelf gekozen tegenstanders en de eigen eindtijd met die van anderen te vergelijken. Het zijn deze gedachten die mij door het hoofd spelen, terwijl we het aquaduct hebben verlaten. Ik concentreer me op de omgeving, want ik loop voor mijn plezier. Ik moet een rustig tempo aan houden, want volgende week zaterdag wacht de halve marathon op Ameland. Maar het gaat zo ontzettend lekker, leuk en licht dat ik me laat verleiden om mee te gaan “die man met die grote passen” die zojuist naast me is komen lopen. We passeren het Finkeboskje. Inmiddels vormen we een groepje van een man of zeven. We wisselen wat gegevens uit over het weer en bevragen elkaar over de te lopen afstand. Ik ben niet de enige voor de 10. Even later slaan we rechtsaf een smal fietspad op. We kunnen net met twee man naast elkaar lopen. Passeren zit er niet in. Als je het wel doet, riskeer je een blessure, want takken, boomstronken, modder, paddenstoelen en grote kuilen vormen het gevaar. We lopen een langzamer groepje achterop en het tempo zakt. Als het fietspad overgaat in een asfaltweggetje valt de groep helemaal uiteen. Het tempo gaat weer wat omhoog. Even later loop ik vrijwel alleen. Een scherpe bocht naar links, omhoog, even later naar rechts om Bakhuizen binnen te lopen. “In de verte”, op zeker honderd meter loopt een groepje. Bij iedere bocht verlies ik het groepje uit het oog. Achter mij hoor ik iemand langzaam maar zeker dichterbij komen. Als ik Bakhuizen verlaat, sluit hij zich bij mij aan. Zonder overleg trekken we gezamenlijk verder naar Hemelum. Nog voor we het fietspad op gaan naar de Morra dichten we de afstand naar de groep voor ons. We wijzen elkaar op het mooie uitzicht en zetten de sokken erin. We hebben de wind in de rug en dat komt toch wel goed van pas. Dan duiken we de tunnelbak in voor een laatste inspanning. Als ik de tunnel uitkom hoor ik de speaker een tijd van 51 minuten en nog noemen. Enige verbazing maakt zich van mij meester. Voor het eigen gevoel heb ik beter gelopen dan ooit op de 10 kilometer; ik liep toch zo lekker en licht en alleen op de eerste kilometer ben ik ingehaald door echte hardlopers? Als ik finish even later passeer en op mijn horloge kijk, zie ik met verbazing dat ik 10,51 kilometer gelopen heb. Dat verklaart veel! Als ik dan aan deze en gene vraag hoever zij gelopen hebben dan hoor ik niets anders dan “zo rond de 10 en half en nog wat”. Maar dit gegeven doet niets af aan het feit dat iedereen zich heel enthousiast uitlaat over het schitterende en afwisselende parcours. De Galamadammen Run is een aanrader!
Meeloper
Uitslagen 10.2km Frank Klasen 52:47 Pieter Sien Wijnja 53:52 Durk Brouwer 1.01:10
Anton Stokman 1.02:22 16.1km Peter Yntema 1.22:36
dinsdag 13 december 2011
Adventurerun Ameland
ADVENTURE RUN dagprogramma
Zaterdag 17 december
w.u. naar de start start
5km 11.30 11.55 12.15
10km 12.40 13.00 13.25
21.1km 13.05 13.25 13.45
Voor vragen : a.visserman@gmail.com
Training zaterdag 17 december
IVM DE ADVENTURE RUN OP AMELAND IS ER OP ZATERDAG 17 DECEMBER GEEN TRAINING!
Winterloop Sneek
Uitslagen Winterloop Sneek, 4 december 2011
33:42 Erik Bouma 48:39 Hindrik Drenth
43:01 Ysbrand Valkema 48:39 Baukje Smink
43:09 Peter Yntema 50:05 Irene Kriele
48:20 Anthoon Haagsma 52:45 Anneke Toering
48:30 Onno Thooft 1.04:27 Ella van der Feer
33:42 Erik Bouma 48:39 Hindrik Drenth
43:01 Ysbrand Valkema 48:39 Baukje Smink
43:09 Peter Yntema 50:05 Irene Kriele
48:20 Anthoon Haagsma 52:45 Anneke Toering
48:30 Onno Thooft 1.04:27 Ella van der Feer
dinsdag 6 december 2011
Sinterklaasloop Bolsward
Uitslagen Sinterklaasloop Bolsward, 28 november.
Erik Bouma 28:10 Annemat Lukkes 44:00
Ysbrand Valkema 35:09 Houkje Heida 44:00
Frank Klasen 37:01 Elly Bos 44:02
Tineke Algra 38:20 Jeltsje Hoeksma 45:21
Hindrik Drent 41:40 Esther Vellinga 46:10
Baukje Smink 42:19 Geeske Kuipers 47:32
Allard Oosterhaven 43:00 Titia de Groot 51:39
Irene Kriele 43:07 Ineke de Jong 51:39
Nog toe te voegen: Anton Eppinga 40:48
Pieter Siem Wijnja 40:49
Durk Brouwer 43:14
Erik Bouma 28:10 Annemat Lukkes 44:00
Ysbrand Valkema 35:09 Houkje Heida 44:00
Frank Klasen 37:01 Elly Bos 44:02
Tineke Algra 38:20 Jeltsje Hoeksma 45:21
Hindrik Drent 41:40 Esther Vellinga 46:10
Baukje Smink 42:19 Geeske Kuipers 47:32
Allard Oosterhaven 43:00 Titia de Groot 51:39
Irene Kriele 43:07 Ineke de Jong 51:39
Nog toe te voegen: Anton Eppinga 40:48
Pieter Siem Wijnja 40:49
Durk Brouwer 43:14
Abonneren op:
Posts (Atom)
