Trainen

Loopgroep Sneek traint op de dinsdagavond 19:30-20:45, donderdagochtend 09:00-10:15, donderdagavond 19:30-20:45, zaterdagochtend 09:30-10:45, locatie Zeilsoos-Sneeker Jachthaven. Zondagochtend, clinictrainingen.

Loopgroep IJlst traint op de woensdagavond 19:30-20:45, locatie Sporthal Utherne.

Proeftraining of informatie: rnwths@gmail.com

dinsdag 25 maart 2014

DE CLINICS ZIJN EEN GROOT SUCCES........

Iedere zondagmorgen verzamelen zich ergens rondom Sneek een veertig tal lopers om zich zelf uit te testen op een van de routes die het clinicteam (Arjen, Karin en Durk) voor ons heeft uitgezet. Ysbrechtum, IJlst, of aan de rand van Sneek, daar waar maar genoeg parkeerruimte is en waar vandaan we zo "buiten uit" kunnen lopen. Weer of geen weer komen we bij elkaar. We tekenen de presentielijst, luisteren naar de uitleg over de te lopen route en het te lopen tempo, wisselen wat ervaringen en verwachtingen uit en gaan dan onder begeleiding van een van de drie begeleiders op pad.
Drie groepen: zij die trainen voor de (hele) marathon, zij die al een aantal keren een halve marathon hebben gelopen en zij die zich voor het eerst aan die 21,1 kilometer wagen. Voor elke groep een uitgekiend programma. Met altijd een uitwijk mogelijkheid om elders deel te nemen aan een of ander loopevenement, zoals de Schoorl Run, de Merenloop in Grou, de 4 mijl van Sneek, de Vuurtorenloop op Vlieland en Loop Leeuwarden.

Samen trainen
Grenzen worden verlegd, alsof het niets is! De eerste zondagen was het eerst nog wat wennen.  Je loopt in en met een groep, er wordt veel gekletst, de tijd en de kilometers vliegen voorbij. Een duurloop in een rustig tempo, hartslagzone 1/2, dan wel 2/3 afhankelijk van de groep waarin je traint, geeft menigeen een gevoel van dat er nog wel een paar kilometer meer in had gezeten, of dat het wel wat sneller had gekund.

Het kost soms de nodige moeite om je neer te leggen bij het regime van het clinicteam. De ene keer wordt er zonder blikken of blozen, door de groep zelf, afgeweken van het zo zorgvuldig uitgestippelde parcours en een andere keer wordt langzaam maar zeker het tempo ongemerkt wat opgevoerd. Met als gevolg dat de rustige duurloop meer en meer een pittig karakter krijgt.
Ach, het is het spel- en tegelijkertijd ook het wedstrijdelement. Dat maakt het ook juist zo aardig om in een groep te lopen. Tenslotte lopen we toch allemaal voor het plezier? Maar dan wel met een serieuze ondertoon, want we hebben een doel om op de langste dag van het jaar een halve, dan wel een hele marathon rond "Sneek en meer" gezond en niet uitgewoond te volbrengen. Plezier hebben we onderweg. We dagen elkaar uit, we zeuren niet over ons lijden, we verbloemen de pijntjes, we tonen ons medeleven als er echt een blessure in het geding is, we geven elkaar een goede raad, we tonen begrip als het wat minder gaat, we proberen elkaar onder het motto "samen uit, samen thuis" in de groep te houden, we steken elkaar de gek aan, we zijn niet jaloers als iemand in een nieuw shirt, jack, of op nieuwe schoenen verschijnt en we zijn vol bewondering als er weer grenzen worden verlegd.
 
Samen plezier
Binnen de teams zijn er altijd die proberen om het zooitje ongeregeld in toom te houden en het gezag van het clinicteam niet aan hun laars willen lappen; zo hoor je dan ook steeds een klokkenluider met "het tempo gaat omhoog........., langzamer.............., niet zo snel". 
De laatste drie kilometer is een verhaal apart: het tijdstip om de hartslag even op te nemen. Aan die opdracht houdt men zich over het algemeen redelijk tot goed. Maar na dat ijkpunt is subiet alle discipline verdwenen. Er is geen houden meer aan, de beer is los! Even elkaar testen, het hoort erbij! Zo ook het afwijken van de route. Nog even een "rondje om de kerk, of ............ "hier maar naar links, da's toch veel mooier". De begeleiders kunnen hoog of laag springen, maar als we het eenmaal in de kop hebben dan volgen de benen als vanzelf. Niet dat we geen waardering voor ze hebben, in tegendeel. Ga er maar aan staan, vele, vele kilometers op een fiets. Niet de eigen fiets, niet het eigen zadel, neen niets van dat alles en in een tempo, waarbij ze op moeten passen niet om te vallen. Ze fietsen zich je niet warm, ze letten op het verkeer, waarschuwen "auto voor, auto achter, fietsers voor, een wandelaar met hond, links lopen". Ze houden achterblijvers in het oog, en wie wat wil drinken, geeft een kik en hup daar wordt de fles al weer aangereikt. Heb je het warm, ontdoe je van een kledingstuk en je kunt het afgeven.

Samen genieten
Acht zondagen hebben we inmiddels weggelopen. Wat een prachtige routes hebben we gehad. We lopen door dorpen die je gewoonlijk links laat liggen. Wat heb je er ook te zoeken? We lopen over fietspaden, langs en soms door weilanden en over (voor velen onder ons) onbekende wegen. We lopen verkeerd en moeten terug, niemand klaagt. We genieten van de vergezichten. Over het algemeen is het weer ons goed gezind. De zon schijnt regelmatig, wind is er bijna altijd, neerslag is ons bespaard gebleven. Onderweg komen we hardlopers tegen die individueel op pad zijn. Niet zelden nodigen we ze uit om met ons verder mee te lopen, want dat is toch veel gezelliger! Wielrenners in groepjes zijn overal. Op hele trajecten zie je soms geen mens. We hebben oog voor het ontluikend voorjaar; het speenkruid bloeit, nu ook sleedoorn en forsythia, eenden, zwanen, futen en weidevogels bedrijven de liefde, een enkele ooievaar laat zich alvast zien en de weilanden kleuren met de week groener.

Wie nu denkt dat dit plezier alleen merkbaar is op de zondagmorgen als we met z'n veertigen op pad gaan slaat de plank volledig mis. Het is de sfeer binnen loopgroep Sneek/IJlst. Geloof je dat niet? Kom dan om dinsdag-, woensdagavond, donderdag- of zaterdagmorgen maar eens meelopen!


Meeloper

Het totaal aantal deelnemers aan de voorjaarsclinic is ruim 60!

OERPOLDERLOOP

Oerpolderloop, It Heidenskip, zondag 23 maart 2014.

Uitslagen: 14 km. Pietie Visser  1:16:37

It Heidenskip



dinsdag 18 maart 2014

DE VUURTORENLOOP WERPT ZIJN LICHT VOORUIT.........

Er zijn van die cadeautjes waar je jaren later nog plezier van hebt. Het door Running Center Leeuwarden geschonken startbewijs voor de allereerste Vuurtorenloop in 2013 was er zo een.  
Een loopevenement op een eiland is sowieso een belevenis. Dat begint al met de overtocht, een boot vol met hardlopers, andere passagiers vallen in het niet, dan de aparte sfeer die nu eenmaal eigen is aan een eiland en vervolgens de route en de omgeving die voor ons,vastelanders, volstrekt anders is dan we gewend zijn!


Neem Texel met de start vanaf de boot of de feestelijke Berenloop op Terschelling met een finish over een rode loper of de Adventure Run met een zevental kilometers over het Amelander strand of de Vlielander halve marathon van oost naar west door de duinen en weer terug langs het Wad en de Monnikenloop op Schiermonnikoog door het schitterende, afwisselende duinlandschap. Het zijn loopevenementen die je eigenlijk niet mag mislopen.


Maar de Vuurtorenloop op Vlieland maakt toch wel de meeste indruk. Er is geen loopevenement met zo'n afwisselend parcours. De afstand wordt aangegeven in zeemijlen, daar begint het al mee. Er is de keuze tussen 5 en 10 zeemijlen. Na ruim een zeemijl kom je aan de oostkant op het strand en heb je zicht op Terschelling. Niet dat je daar erg veel belangstelling voor hebt. Je hebt je handen vol aan jezelf, want zover het oog reikt alleen maar mul zand. Je ploetert je rot, als het tegen zit schoenen vol met zand. Dat vergeet je als je het strand hebt verlaten. Langs de jachthaven en dan via het pad langs het Wad naar het dorp. Je wordt gegrepen door het uitzicht, nog geen weet van de volgende beproeving; de klim over drie honderd meter naar de vuurtoren, van zeeniveau naar zo'n veertig meter er boven. Tot halverwege is er niets aan de hand, maar dan wordt het wat steiler. Het eind is nog niet in zicht en het wordt bikkelen. Je denkt dat je er bent. Helaas een haarspeldbocht om het hoogte verschil draaglijk te maken. Draaglijk wordt het pas later. Een geweldig uitzicht is weliswaar de beloning en dat is maar goed ook, want het werkt heilzaam. Vrolijk fluitend naar beneden om rechts af de beboste duinen in te gaan. Jammer, vals plat waar maar geen eind aan


lijkt te komen. Weer voel je de pijn in de benen, je ademhaling krijg je niet goed op orde. Gelukkig ben je niet de enige. Na zeven zeemijlen, in het open duinlandschap, krijg je tijd om te herstellen. Niet dat het parcours nu geen glooiing meer kent, want tenslotte ben je in de duinen. Maar het is allemaal overzichtelijk, niet steil en zeker niet lang. Je ziet het weer helemaal zitten. Je passeert camping de Lange Paal en draait de Postweg op. Dertien zeemijlen heb je weldra achter je gelaten, je ziet het dorp en je denkt .......... O, ja, dat is waar ook. Nog een keer naar de vuurtoren. Nu valt het mee. Deze helling loopt wat geleidelijker omhoog. Je bent zo boven en nog sneller weer beneden. Linksaf de Badweg op, nog twee zeemijlen, kris kras door het bos. Het is een toetje. De speaker bij de finish is duidelijk te horen. Je verheugt je op het einde. Eenmaal over de eindstreep slaak je een zucht van verlichting. Dan weet je dat je een van de mooiste loopjes over een prachtig, afwisselend en pittig parcours bij kunt schrijven.


Meeloper

donderdag 13 maart 2014

HARLOPEN VAN DAG TOT DAG

Start tot Run, de clinics voor de Mar-athon en de Merenloop in Grouw.

Zaterdagmorgen 8 maart kwamen ze weer, zo’n 35 mensen die de stoute schoenen hebben aangetrokken om te beginnen met hardlopen. Start to Run is nog steeds een goede manier om te beginnen met hardlopen. In een groep trainen werkt toch beter dan het in je eentje proberen. Samen met de deelnemers van Loop Leeuwarden clinics werken ze de trainingen af in het burgemeester de Hooppark. Allemaal nog in afwachting wat er gaat gebeuren maar goed gemutst want het is mooi weer. De trainers leggen alles goed uit en er wordt rustig ingelopen en wat oefeningen gedaan. Men maakt kennis met elkaar en de kern wordt gestart, stukjes van 1 en 2 minuten met een wandelpauze van 3 minuten. Alle begin is moeilijk maar na afloop is iedereen tevreden over de gedane inspanning. Met een kortingsbon van Running Center Leeuwarden op zak gaat men op naar het huiswerk van de komende week. De trainers hebben er alle vertrouwen in dat ook deze groep besmet zal raken met het gezonde hardloop virus. Welkom bij Loopgroep Sneek / IJlst.


Na de trainingen deze morgen werd de Zoladz test gehouden waar je gedurende steeds 6 minuten in en bepaalde zone van je hartslag loopt. Op deze manier herken je hoe het met je vermogen in die zone gesteld is en op basis daarvan krijg je tips en schema’s hoe je die zone kan verbeteren.

De zondagmorgen is al een tijdje het moment dat de trainingen voor de Mar-athon starten op diverse plaatsen in en om Sneek, deze zondag was Epema State het beginpunt van de routes. De groep die traint voor de hele marathon startte om 9 uur Direct buiten IJsbrechtum gaat het al mis met de route er wordt een afslag gemist. Ook de later vertrokken groepen (13 en 14 km) die trainen voor de halve liepen eerst nog door maar eventjes terug en men zat op de juiste route. De langste afstand (26 km) ging richting Hichtum en de opzet was om via Nijland / Hiddemawei terug te gaan, door eerdere omzwervingen werd deze afslag overgeslagen en koos men voor rechtdoor. Op de Hiddewawei was bij het dierenhotel van Ella een welkome en lekkere verzorging geregeld. De kortere route kwamen hier keurig langs maar omdat de langste voor rechtdoor koos werd de verzorging naar de lopers gebracht op een ander punt op de route. Dat de fietsen op het erf van een boer over het hek getild moesten worden en dat een paar blauwe schoenen vuil werden mocht de pret niet drukken. Prachtig weer en mooie route bracht iedereen weer terug bij de auto waar de koffie en een koekje weer klaar stond.
 
Maurice in actie tijdens de Merenloop
De volgende halte in het weekend was de Merenloop in Grouw. Elk jaar weer met een groot aantal deelnemers en ook Loopgroep Sneek / IJlst / Enexis / Stiens / Berlikum enz. is aanwezig. Waar de een kiest voor de 14 km kiezen anderen voor de 10 of 5 km, voor elk wat wils dus. Dat de 14 km ook over het weiland ging en dat de hekken dicht waren was niet tot iedereen doorgedrongen maar gezien de enthousiaste foto heeft ook hij het naar de zin gehad. Omdat Arjen last heeft van een blessure deed Karin deze keer de warming-up van elke afstand en werden we dus warm en voorzien van goede adviezen weer afgeleverd op het plein voor de start. De 1e start was van de 14 km en na 20 minuten vertrokken de lopers van de 10 km. Het is omdat Karin de babbelbox vertelde dat ze nog 3 minuten voor de start had anders stond nu nog te kletsen denk ik. Iedereen sprak na afloop van het mooie weer, het was wennen vooral het laatste stuk terug langs het kanaal was warm met de wind in de rug. Bij het Theehuis was de nazit gepland, lekker buiten op het terras. Daar sprak een 14 km deelneemster de woorden: “Het land is voor koeien en niet voor hardlopers.” Dat ze al voor de helft van de afstand er al doorheen zaten was lastig want je moet nog zo ver. Naar verluid hebben Kwik, Kwek en Kwak het licht uitgedaan bij het Theehuis en bleef het nog lang onrustig in Grouw.
Cheers!
Het was weer een mooi hardloop weekend, dank aan iedereen voor de inzet maar zeker aan Karin en Arjen die ondanks het drukke programma weer enthousiast  hun betrokkenheid toonden.


De Olympiër. 

dinsdag 4 maart 2014

GEDANE ZAKEN NEMEN GEEN KEER

Van de dingen in het leven die om een verklaring vragen, is een blessure een van de  meest intrigerende. Dat is niet alleen van toepassing op de professionele sporter die voor het dagelijks brood zich uit de naad en in het zweet werkt. Maar ook, misschien wel juist, voor hem of haar die aan sport doet voor het plezier, voor de lol, die geniet van wat lichamelijke inspanning anders dan de sleur van alle dag. Of voor hem of haar die op zoek is naar de grenzen van de eigen mogelijkheden, al of niet in groepsverband om het eigen bestaansrecht kleur en fleur te geven. Of voor haar die de stress van de dagelijkse sleur wil door breken. Of voor hem die acht uren per dag onder het "juk" van de strijd om het bestaan dat ene uurtje per week zich zelf tot het uiterste inspant om na afloop voldaan en zelfgenoegzaam vast te stellen dat hij dat biertje vandaag echt wel verdiend heeft. Of voor al diegenen die vreugde beleven om met elkaar een gezamenlijk doel na te streven, maar niet vies zijn om de strijd aan te gaan om net iets verder te willen lopen en/of net iets sneller te willen zijn dan al die anderen.


Opeens is het er; pijn, pijn in scheen, heup, rug, onder de voet of waar dan ook. Het gaat niet direct over. Het is serieus, het is langdurig, het is ongemakkelijk. Je laat eerst niet veel merken. Je verbloemt het moeizaam opstaan, je loopt voor jouw gevoel heel gewoon, maar het tegendeel blijkt  als een ander je confronteert met de vraag of er wat is?
          
"Waarom ik, waarom juist nu?" Wat heb ik misdaan, ben ik te gretig, heb ik te veel, te langdurig, te intensief getraind? Maar het ging juist zo gemakkelijk, zo lekker! "Waarom, waarom?" Je wordt heen en weer geslingerd tussen negeren en neerleggen bij het onvermijdelijke. Vertwijfeling, onzekerheid wordt je deel.
Je gaat te rade bij deze of gene, maar of je daar wijzer van wordt? Het is en blijft de vraag! Je luistert, want je weet maar nooit. Ze vertellen over hun eigen ongemak en hoe zij het hebben aangepakt. De een raadt je aan te koelen op de plek des onheils, een ander heeft goede ervaringen bij een of andere therapie waar jij nog nooit van gehoord hebt, een derde vertelt je dat je niks moet doen, en weer een ander kent een fysiotherapeut die gespecialiseerd is in ..... ja juist, in de ene blessure die jou in zijn macht heeft. Of iemand die weer iemand kent die een smeersel heeft die hem van alle ellende heeft verlost. En dan zijn er ook nog van de goed bedoelde adviezen zo in de trant van je had het kunnen voorkomen door ...............! Tja, daar schiet je nou echt niets mee op. Je haalt je schouders maar eens op en gaat over tot de orde van de dag. Je wentelt je in je eigen ellende, je moppert in gedachten, je hebt medelijden met jezelf. En steeds maar weer die gedachte: "waarom ik, waarom nu?"

Een dag of wat later, als het uur U nadert, het uur dat je weg moet om je sport te gaan bedrijven, krijg je nog meer de pest in. Het schiet ook niet op met de pijn. Je doet al een paar dagen weinig of niets, je ontwijkt elke beweging waarbij je herinnert wordt aan die gevoelige plek. Je wil weg, je wil mee gaan doen, maar je weet dat het niet zal gaan. Je blijft thuis, sikkeneurig, je mokt wat in jezelf en hebt geen oog voor je directe omgeving. Ook die lijdt onder jouw humeur.

Als je de wind van voren hebt gekregen van je huisgenoten, kom je weer met beide benen op de grond. "Je bent een zeikerd, een zielenpiet, je stelt je aan, je moet niet overdrijven en het gaat wel weer over, het moet zijn tijd hebben" en boven dat alles het verwijt dat je de sfeer in en om huis verziekt.
Je neemt je voor om van nu af aan je neer te leggen bij de feiten. Je hebt pijn, je moet of hulp vragen of rust houden, je moet niet zeuren, de wereld vergaat niet en over "enige" tijd kun je weer aan de bak.
Ach, soms moet je ook niet om een verklaring vragen: gedane zaken nemen nu eenmaal geen! keer. Een blessure.........., het blijft een intrigerend fenomeen!


Meeloper

dinsdag 25 februari 2014

29 JAAR!

Negentwintig jaar!

We juichen om al het goud, zilver en brons dat in Sotsji is veroverd, we zijn euforisch! We lezen de verhalen over jaren lang afzien, trainen tot je er dood bij neer valt, over opofferingen. We zijn onder de indruk! Maar kennen we onze helden? Soms doen we alsof. We hangen een spandoek op waarop we onze genegenheid en bewondering tonen. Je hoort en leest de verhalen over: "ik heb Sven ooit eens een keer verslagen, ik zat bij Irene in de klas, ik heb vroeger met Jorrit eieren gezocht".
Maar..........weten we wel dat wij in ons midden een sportman hebben die 29 jaar het Nederlands record indoor op de 400 meter in handen had. Weten wij dat pas na 27 jaar dat record, dit weekend, met 0,02 seconde uit de boeken is gelopen?

In 1987 bij de Wereld Kampioenschappen in Indianapolis (U.S.A.) werd dat record door Arjen Visserman gevestigd. Wij van Loopgroep Sneek/IJlst hebben een sportheld in ons midden. Het is maar dat je het weet.


Meeloper

27 of 29 jaar?
Het record was sinds 1985 in bezit van Arjen Visserman en is daarna een aantal maal verbeterd. De laatste verbetering is van maart 1987.


dinsdag 11 februari 2014

STORM EN REGEN IN DE 'GROET UIT SCHOORL RUN'

De vraag waarom hardlopen zoveel genoegen schept, is niet te beantwoorden zonder ooit te hebben deelgenomen aan een of ander loopevenement. En dan nog zullen woorden te kort schieten om het gevoel voor, tijdens en na het voltooien van zo'n 'wedstrijd' te beschrijven. Ik doe een poging: het zal moeten gaan over de spanning voor de start, het startmoment zelf, de eerste kilometers, de momenten van pijn lijden, de 'angst' dat die vervelende blessure weer zal opspelen, de vrees dat je een onvermijdelijke inzinking niet te boven zal komen, de twijfel of je het tempo zal kunnen volhouden en natuurlijk over het euforische gevoel dat zich van je meester maakt als je de eindstreep passeert. De 'Groet uit Schoorl Run' is daartoe een ideale gelegenheid.
Anja Kok over de finish in een dik pr!
Het is zondagmorgen. Met elkaar, met z'n zevenen van Loopgroep Sneek/IJlst, vroeg op pad naar Schoorl om te lopen. Om klokslag elf uur zal de start plaats vinden van de halve marathon en de dertig kilometer run. Een populair loopevenement dat hoog staat aangeschreven bij hardlopend Nederland en omstreken. Duizenden zijn net als wij onderweg. Wat bezielt ons deelnemers?
Je kunt er vergif op innemen, acht van de tien gesprekken van diegenen die onderweg zijn naar Schoorl, gaan over blessureleed, te weinig kunnen trainen, over een conditie als een krant en andere ongemakken. Het is indekken en excuseren voor nota bene een prestatie die nog geleverd moet worden. Het tekent de onzekerheid van de deelnemers! Maar het is een schijnbare onzekerheid die de opwinding voor de komende uren enigszins maskeert.
Ben je vroeg en dat zijn wij, dan kun je tot in het dorp proberen ergens een parkeerplaats te vinden op loopafstand van start, finish en kleedgelegenheid. Anders wordt het op afstand parkeren en gebruik maken van pendelbussen. We zijn op weg en nog steeds vinden we het leuk. Wij praten niet over blessureleed, wel over wat ons te wachten staat, over het weer en over heldendaden uit het verleden, waarbij de waarheid en de werkelijkheid uit het oog wordt verloren. Maar bovenal gaat het over het weer. Het waait dat het rookt, schuimkoppen overheersen het beeld op het IJsselmeer. Het begint te regenen. Naarmate de reis vordert lijkt het wel of de wind toeneemt en de regen ook. We hebben het over de buienradar die ons voorspelt dat het tussen elf en twaalf droog zal zijn en daar gaan we dan ook maar vanuit.

Het regent nog steeds als we Schoorl binnen rijden, we parkeren de auto op een modderig weiland in de hoop dat we er wel weer uit komen. Op naar de sporthal. Het is er druk. Menig hardloper heeft een lid van zijn eigen fanclub meegenomen, tenslotte moet er iemand zijn die zijn persoonlijke bewondering voor de geleverde prestatie moet tonen. Eigenlijk kun je het niemand aandoen om in weer en wind, kou kleumend een tweetal uren te staan wachten tot jij het belieft over de finish te komen. De beschikbare kleedruimte in de sporthal is voor een zo groot gezelschap niet geschikt. De sportzaal zelf dient als zodanig. Er is geen mens die zich daar druk om maakt. De stemming lijdt er niet onder. In tegendeel. Men kleedt zich om en dan naar buiten. Warming up. Op zoek naar een toilet. Geen probleem, er zijn er genoeg, lange rijen, wachten, gedisciplineerd. Opluchting. Dan naar het startvak. Je wilt niet te laat zijn. Dus weer wachten. Het is bewonderenswaardig hoe men zich zonder morren, duwen of trekken, schikt in zijn lot. Er is ook maar een doel: heelhuids, gezond en het liefst in een persoonlijk record de eindstreep halen.

Het is koud en nat en het waait hard. Om mij heen afgetrainde gezichten, magere benen, de meesten gestoken in een tight, een enkeling met blote benen. Je gunt ze een stuk gebak met veel slagroom, maar zo te zien zullen ze dat wel laten staan. Het zijn de 'echte' hardlopers. De man naast mij daarentegen met een stevig postuur, een iets bollende buik en een bol gezicht. Hij is in een geanimeerd gesprek gewikkeld met de vrouw aan de andere kant. Ik vang wat flarden op. Het gaat over gezelligheid, een feestje gisteravond en over een paar glazen bier. Het zijn twee werelden, zij die met alle geweld willen proberen vandaag een persoonlijk record te lopen en er voor getraind hebben, serieus hebben geleefd, hun neus ophalen voor alcohol en zij die voor het plezier lopen, hopen dat ze de eindstreep halen en het leven nemen zoals het op ze afkomt. Voor beide is wat te zeggen. Een ding is zeker, ze zullen alle twee zich de benen uit het lijf lopen, want ook de recreant, een maal op weg, heeft zijn gevoel van eer. Het regent onafgebroken en het blijft koud. We trappelen van ongeduld, of wellicht om warm te worden.

Het startschot heeft geklonken. Langzaam maar zeker zet het bonte gezelschap zich in beweging op weg naar de finish. Aan blessureleed wordt geen aandacht meer besteed, de gebrekkige conditie is vergeten en alle onzekerheid is verdwenen. Je hebt al je aandacht nodig om je weg te vinden in de drukte. Je voelt je plotseling een gelukkig mens, dat je een van de velen mag zijn. Je kijkt wat rond. De wind in de rug. Je wordt deelgenoot van het opgewonden gevoel dat zich meester heeft gemaakt van de hele groep om je heen. Maar je hebt ook 'zorgen', want plotseling realiseer je je waar je aan begonnen bent. Je denkt een moment aan de laatste kilometers die altijd zwaar zijn. Dat duurt niet lang, want alle aandacht gaat uit naar het moment zelf, naar de omgeving, naar je 'buren'. Sommigen snellen je voorbij om even later weer gas terug te nemen. Je verbaast je over de verschillende loopstijlen. Je ziet hak landers, zij die op hun middenvoet neerkomen en een enkeling die landt op de voorvoet. En dan zit de eerste vijf kilometer er op. Je bent aan de rand van het dorp Groet en weer op weg naar Schoorl. Je hebt de kou uit je lijf gelopen. Regen en wind deren je niet. Het gaat best lekker. Je hebt je ademhaling onder controle, de benen voelen goed, en van die pijn in je knie die je vorige week plotseling voelde, is niks te merken. Het is een gemêleerd gezelschap; jong, wat ouder en nog ouder, vrouwen en mannen, allemaal met een gemeenschappelijke vrije tijdsbesteding onder de noemer hardlopen. Is er sprake van verbroedering, van eensgezindheid? Zonder twijfel: ja! Niemand wenst dat er iemand moet uitvallen en als er iemand een stukje moet wandelen met een van pijn vertrokken gezicht dan tonen we ons medeleven. Is er sprake van wedijver en van concurrentie? Natuurlijk, niets menselijks is ook de hardloper niet vreemd.

Inmiddels naderen we het zeven kilometerpunt. Dan buigen we naar rechts en laten we de bewoonde wereld achter ons. We zouden de wind tegen moeten hebben en dat is ook zo, maar daar hebben we geen hinder van in het beboste duingebied. De regen merk je wel. Vals plat, nauwelijks merkbaar een kleine kilometer lang. Maar toch, je voelt het. Het gaat een ietsje pietsje minder makkelijk. Dus word je met de neus op de feiten gedrukt: en het is nog een heel eind. Dat is ook het moment dat je op moet passen dat je niet met je gedachten in een ietwat negatieve spiraal terecht komt, want je moet nog 13 km. Je kijkt om je heen. Bomen links en bomen rechts en mensen voor, achter en opzij. Word je daar dan vrolijk van? Ik niet en op zoek naar afleiding kijk ik om mij heen. Dan zie ik niet alleen bomen, maar ook laag struikgewas, hier en daar nog wat blad aan een tak. Ik zie opeens teksten op de loopkleding, plaatsnamen, namen van loopgroepen, sponsornamen. Een enkeling loopt nog gehuld in plastic om de regen buiten te houden. En daar staat plotseling het bordje met 9 km. Het is ongemerkt gegaan.
 
Grietsje Valkema in actie tijdens de Groet uit Schoorl
Ik ben, wij zijn op weg naar de 10 km. Het regent nog steeds en af en toe dringt tot ons door dat het wel heel erg hard waait. Wij, een grote groep, lopen in hetzelfde tempo dat wordt aangegeven door het tweetal dat voorop loopt. Het tempo schommelt tussen de 5 en de 5.10 min per km. We lopen in twee-, drie- en viertallen. Het pad wordt wat smaller. Dan horen we achter ons: 'links'. Wij schuiven wat in, van vier naar drie en van drie naar twee. We worden voorbij gelopen door iemand in een ongenaakbare loopstijl. Ze loopt naast ons en even later voor ons. We zijn merkbaar onder de indruk en niet alleen van haar loopstijl en snelheid. De man naast mij kijkt mij aan en we wisselen een blik van verstandhouding met een glimlach. Wij behelpen ons, maar gaan voort, in een wat hoger tempo, maar dat duurt niet lang. Bij de verzorgingspost valt de groep uiteen. Dat is jammer. Eendracht maakt nu eenmaal macht. Ik loop nu vrijwel alleen. Dat duurt nooit lang. Je haalt in en je wordt ingehaald. Even later ontstaat er als vanzelf een nieuwe groep. De nieuwe groep loopt in een tempo van 5.15 min per km. Ik voel me nog steeds goed, geen pijn, geen stijve benen. Neutrale gedachten. Dan passeren we de 11 km, aftellen. Dat geeft vleugels. Plotseling zakt het tempo. Ik maak me los uit de groep en met mij nog een tweetal. Gedrieën gaan we verder. Ik laat m'n gedachten de vrije loop en ik vraag me af hoe het mijn metgezellen vergaat.
Ze lopen voor mij uit. In stilte hoop ik dat ik me nog bij hen kan voegen. We lopen in op een grote groep, we moeten er voorbij, goed opletten. Het pad is niet breed. Het wordt inschuiven en uitkijken, niemand op de hakken trappen. Even later zijn we er voorbij. Onze groep is gegroeid. Wie en wat er achter mij loopt, heeft niet direct mijn belangstelling. Ik heb mijn ademhaling niet echt op orde. Kalm blijven en rustig in- en uitademen, dan komt het vanzelf goed. Een scherpe bocht naar rechts. Het regent, het verharde fietspad hebben we verlaten, het met schelpen verharde pad is modderig. Binnen de kortste keren zijn schoenen en kuiten met modder besmeurd. Er zijn plassen die niet meer te ontwijken zijn. Natte voeten. We merken dat het stormt. We zijn ook dichter bij de kust. In de berm wordt door een tweetal gewandeld. Het zal je maar gebeuren: kramp, of zodanig geblesseerd dat je niet verder kunt. De bewoonde wereld is ver weg. Lang kan ik er niet bij stil staan. Ik heb het zelf even moeilijk. Even gas terug, naar een lagere versnelling. Dan gaat het weer. Het lijkt of de groep waaruit ik moest lossen op mij wacht, of heb ik mijn tempo  verhoogd. Bij kilometerpunt 13 heb ik me weer aangesloten. We verlaten het bos en komen wat meer in het open duinlandschap terecht. Een paar niets zeggende klimmetjes en verder een vlak parcours. Het kost iedereen moeite een rechte lijn te houden bij elke windvlaag die ons van opzij teistert. Het regent nog steeds. De benen waaien bijna onder je vandaan. Niet iedereen heeft het gemakkelijk. De groep hangt als los zand aan elkaar. Regelmatig moet er iemand lossen. Blijkbaar kunnen we niet allemaal even goed omgaan met de storm. Het landschap wordt kaler. Dan passeren we het 14 kilometer punt. Even verderop is er een scherpe bocht naar rechts. Nu komt de wind recht op ons af, kracht negen met uitschieters naar tien, misschien elf. Lang niet iedereen kan daar mee omgaan. We hangen voorover tegen de wind in en als we ook nog iets omhoog moeten, wordt het voor een aantal wandelen. Af en toe striemt de regen en het opstuivende zand ons ongenadig in het gezicht. Gelukkig is het maar een drietal honderd meter dat we moeten ploeteren. Bij de duinovergang naar het strand gaan we naar rechts en hebben we de wind weer opzij, dan wel in de rug. Op sommige stukken hebben we de storm pal achter en dat geeft vleugels. De regen geselt ons nu van achteren, het voelt koud, de boven benen verstijven. Soms word je zo vooruit geblazen dat je moeite hebt om op de been te blijven, niet te vallen. Dan op 17 kilometer hebben we de wind helemaal achter. De verschillen in tempo nemen  toe. Blijkbaar staat er hier in de buurt de man met de hamer die ongenadig en willekeurig zijn slachtoffers uitkiest. Hij slaat mij over deze keer. Ik word nauwelijks nog ingehaald. Het tegenovergestelde is het geval. Dat geeft vleugels. Het bordje met 18 heb ik gemist, want plotseling zie ik de 19 staan en even later rechtsaf de bewoonde wereld in. De ruimtes tussen de lopers is groot. Het is ieder voor zich en de regen en de kou voor ons allen. Van de wind merken we weinig meer. Af en toe vang ik flarden op van de speaker bij de finish. Daar is de splitsing van de 21,1 en de 30 kilometer. Ik moet er niet aan denken dat ik rechtdoor moet om de 30 vol te maken met de finish binnen handbereik. Twee keer links af en de eindstreep ligt voor het grijpen. Nog een 'sprintje' er uit persen om even later tevreden de handdoek in ontvangst te nemen.
Het zit erop, ik ga meteen door naar de sporthal. Het is koud, het regent nog steeds en de boven benen voelen stijf. Ik ben benieuwd hoe mijn metgezellen het er hebben afgebracht.

Meeloper

Uitslagen: de Groet uit Schoorl Run, zondag 9 februari 2014

10 km: Nelie Jasper 53.33  Hieke Osinga 54.08

21.1: km Hans Jan Jasper 1.36.53  Anja Kok 1.46.09   Klaas van Tricht 1.48.30

Grietsje Valkema 1.49;02  Frank Klasen 1.50.36  Kiki de Boer 2.18;24

30 km: Pieter Klasen 2.46.35.