Trainen

Loopgroep Sneek traint op de dinsdagavond 19:30-20:45, donderdagochtend 09:00-10:15, donderdagavond 19:30-20:45, zaterdagochtend 09:30-10:45, locatie Zeilsoos-Sneeker Jachthaven, zondagochtend, clinictrainingen.

Loopgroep IJlst traint op de woensdagavond 19:30-20:45, locatie Sporthal Utherne.

Proeftraining of informatie: rnwths@gmail.com

donderdag 28 maart 2013

NK VELDLOOP AMBTENAREN

Dit jaar werd het NK veldoop door de gemeente Groningen georganiseerd. In het stadspark was een pittig crossparcours uitgezet. Van Loopgroep Sneek kwamen twee ambtenaren in actie. Bert Rienstra van de gemeente Littenseradiel en Rudi Oppewal van de Friese Meren.

NK Veldloop Ambtenaren, 27 maart 2013. Uitslagen;6km Rudi Oppewal 34:39  12km Bert Rienstra 59:47
Rudi Oppewal(met jas uit) in actie tijdens het NK veldloop

dinsdag 26 maart 2013

RONDJE LITTENSERADIEL

Het is zondag 24 maart. Voor de derde keer zal de ronde van Littenseradiel gehouden worden, voorheen de ronde van Wymbritseradiel. Het is een raadsel waarom dit loop evenement de ronde van Littenseradiel is genoemd, want een groot deel van het parcours ligt tenslotte in Sûdwest Fryslân met een start en finish in Sneek. Maar hoe het ook zij een 170 tal deelnemers heeft zich verzameld op het sportcomplex Schuttersveld te Sneek. Er is keuze tussen een prestatieloop van 8,5 km, 12 km en 18,5 km.

Peter Yntema(foto Frank Ruiter)
Laat ik eerst maar over het weer zeuren. Het is koud en er staat een harde wind uit de oost hoek. Dat laatste is nog een gelukje, want bij een wind uit het oosten heb je een groot deel van het parcours zijwind. Het is nog ruim voor de start. De meeste gesprekken om mij heen gaan over het weer. “Wat is het koud, de wind maakt het nog kouder, wat trek je aan.?” Kort samen gevat: “wat laat de lente op zich wachten!” Ook de organisatie is bezig geweest met het koude weer; zo is de jeugdloop afgelast en de halve marathon ingekort met een drietal kilometers en de start en de finish verplaatst naar de luwte van het thuishonk van Horror op het Schuttersveld. En....de zon schijnt en dat scheelt.
Natuurlijk, degenen die meedoen voor een plaats op het ereschavot krijgen de ruimte om voor in het startvak plaats te nemen. Zij zullen geen last hebben van de recreatielopers. Deze groep start over het algemeen wat voorzichtiger, wat bedachtzamer. Primair gaat het hun om het meedoen, om het uitlopen en als de tijd ook nog “meevalt” dan is dat mooi meegenomen. Bij de “wedstrijd” gaat het in de eerste plaats om de snelste tijd, maar dat zal iedereen wel duidelijk zijn. Denk nou niet dat de recreatieve lopers geen belangstelling hebben voor een “snelle” tijd. Zij hebben ook niet uitsluitend en alleen belangstelling voor de eigen eindtijd. Zij vergelijken hun tijd maar al te graag met die van ........... Ach, feitelijk verschillen de beide categorieën lopers niet echt.

Alice van den Akker(foto Paul Clement)
Het startschot heeft geklonken. Inderdaad, de wedstrijders zijn er al als een speer vandoor gegaan, de recreatieve groep komt wat langzamer op gang. Er wordt daar ook nog volop gepraat zo vlak na de start, terwijl de eerste groep er volledig het zwijgen toe doet. Je bent op weg en daar gaat het om. Direct het eerste hellinkje en dan een stukje rondweg in oostelijke richting, de wind pal tegen. Dan de brug, met opnieuw een hellinkje, bij de Zwette om daarna links over te steken richting Scharnegoutum en vervolgens weer een brug, dus opnieuw even omhoog. Bij voorheen Pasveer (grasdrogerij) links uit de flank. Weer een klimmetje bij het voetgangers bruggetje om vervolgens over de Oerdyk met de wind  in de rug voort te gaan; da’s even wennen. Nog is het parcours voor alle afstanden en dus voor iedereen hetzelfde. Toch heeft de schifting al voor een groot deel plaats gevonden. De tegenwind, de bruggen en het tunneltje binnen de eerste 3 kilometer hebben hun werk al gedaan. Voor een groot deel van het peloton zijn het niet altijd even gemakkelijke “hindernissen”. Vandaar dat het veld dan ook al behoorlijk uit elkaar ligt.
Het wordt nog rustiger op het parcours als de 8,5 km links afslaat de Kleasterwei op richting Ysbrechtum. De wind komt nu voor deze groep over bakboord binnen en ook dat is niet echt vervelend. Ontspannen lopen dat is het devies. Het maakt niet uit of je in een groepje loopt. Maar het venijn zit ook voor dit traject in de staart.
De 12 en de 18,5 gaan nog even rechtdoor in noordelijke richting. Het gaat iedereen voor de wind. Dat is goed merkbaar. Je hoeft geen rekening met wie of wat dan ook te houden. Het veld ligt volledig uit elkaar.
Vlak voor het 6 km punt buigt het parcours voor de 12 scherp af naar links, richting Tirns. Het is even mikken om de bocht zonder kleerscheuren door te komen. De wind heeft je snelheid gegeven en om dan die scherpe bocht te halen en niet in de sloot terecht te komen dan wel tegen de brugleuning aan te lopen moet je alle zeilen bij zetten. De 18,5 neemt Reahûs nog “even” mee om daarna ook Tirns aan te gaan doen. Daar voegen ze weer in op het parcours van de 12. Zij krijgen het zwaar vanaf Reahûs tot voorbij Tirns met de wind als spelbreker.

Hilda de Jong(foto Paul Clement)
Na Tirns is het nog 4 km naar “huis”. Het wordt bikkelen voor de 8,5. De 18,5 moet er wel al aan gewend zijn. Het tempo zakt behoorlijk, het is meer dan ooit ieder voor zich. De wind pal tegen en het is net alsof die nog wat in kracht is toegenomen. Maar gelukkig na zo’n anderhalve km ga je rechtsaf (invoegen op het traject van de 8,5) de Kleasterwei op . Dan kun je weer even op adem komen met de wind in de rug. Dat heb je wel nodig, want als je vlak voor Ysbrechtum linksaf het weiland in moet, heb je nog even het toetje te verwerken. Het is ploeteren zo op het eind met de wind pal tegen. Gelukkig wordt de stem van speaker Jan Kooistra met iedere stap beter verstaanbaar. Zo wordt de laatste anderhalve km naar de finish toch nog draaglijk. Jan en al die andere vrijwilligers hartelijk dank voor jullie inzet.
Van Loopgroep Sneek liepen mee:

18,5 kilometer: Peter Yntema in 1.38.41.

12 kilometer: Erik Bouma in 44.43; Hans Jan Jasper in 55.42; Anja Kok 58.27; Aafke Feenstra(IJlst) in 59.18; Johan de Jong in 1.01.05; Jelmer Krikke in 1.01.25; Frank Klasen in 1.01.45; Klaas van Tricht in 1.02.05; Kiki de Boer in 1.21.30.

8,5 kilometer: Margreet v.d. Meer in 46.03; Hilda de Jong in 47.14; Alice v.d. Akker in 51.30; Albert Rameau in 54.36; Petra Rooda in 54.54

Alle overige uitslagen zijn te vinden op www.uitslagen.nl

Meeloper

ZANDVOORT AAN DE SIBERISCHE ZEE.


Het is lente, al weken wordt er bij de  trainingen  gesproken over het feit dat het nu toch wel eens mooi loopweer mag worden. Een ieder die zich heeft ingeschreven voor een loopje eind maart heeft deze hoop.  Het is zondag 24 maart, de hoop is al lang vervlogen, de weerberichten geven temperaturen rond het vriespunt en een harde oostelijke wind, windkracht 6 met uitschieters en een gevoelstemperatuur van  –10 graden. Ik heb mij een paar weken geleden ingeschreven voor de Zandvoort circuit run 12 kilometer, een mooi parcours, heerlijk aan zee en een eerste loop boven de 10 kilometer.

Start van uit de paddock
WINDSTIL
Met de hele familie lopen we s`morgens naar het circuit, we hebben een huisje vlakbij en geeft een relaxt gevoel dat we niet hoeven te vliegen en te draven om op tijd te komen. We zijn dik ingepakt tegen de kou.  Gelukkig is het droog en af en toe is de lente zon aanwezig. De kids doen mee aan de kidsrun over 0.9 kilometer, ik zelf loop ter begeleiding mee, ik neem op deze  manier al een klein voorproefje over wat er op het circuit te wachten staat, tsjonge wat een wind en we zijn super trots op onze kids dat die de run volbracht hebben. Om 11.30 start de 5 kilometer ladiesrun, mijn vrouw loopt  hier haar eerste loop in een mooie tijd van 45.05. Je kijkt om je heen en een ieder ziet er koud en verkleumd uit, je zoekt een windstil plekje om iets op te warmen. We gaan eens boven kijken bij de vip boxen en warempel er is één die leeg is, we nemen plaats en het voelt als een warme deken. Het is ongeveer een 30 min voor de start en ik ga mij klaarmaken voor de start. Een korte warming up, ik neem zo ongeveer  alles door wat Arjen ons op de trainingen voorschotelt en ga door de pitbox naar de pitstraat waar de start is. De eerste ploeg wordt losgelaten onder de bezielende lijding van Bas Muis.
PLOETEREN
 Ik krijg het koud het duurt nog een tiental minuten voordat wij worden los gelaten en ik heb moeite om warm te worden, de wind krijgt vrij spel als ik door de tarzan bocht loop. Ik neem alle “adviezen” en verhalen nog eens door van de lopers die hier al eens vaker heb gelopen, denk even aan de andere loopgroep leden die nu iets dichter bij huis onderweg zijn.  Een toptijd wordt het zeker niet, ik heb mijzelf beloofd om gedoseerd te lopen en te gaan genieten, bij de eerste klim in het circuit haken de eerste lopers al af, dit verbaasd mij, we hebben pal in de wind en ja het is nu pittig om omhoog te komen, maar hoe vergaat het deze lopers verderop? Ik  kijk op mijn horloge en zie dat mijn tempo en hartslag mij gunstig stemmen, ik haak aan bij een stel wat hetzelfde tempo loopt. We lopen het circuit af richting het strand, door de kou ben ik toch genoodzaakt om een sanitaire pitstop te maken. En nu richting het strand, ik heb hier zaterdag al enige ervaring opgedaan dus het gevoel van mul zand zit deels al in mijn schoenen. Een lange sliert van gekleurd geklede lopers gaat over het strand wat een prachtig gezicht, het tempo zakt iets maar dat deert  niet, de wind komt van schuin achter, het is wel oppassen om geen natte voeten te halen zo aan de vloedlijn.


Na 3,5 kilometer strand moet ik omhoog bij de strandopgang, rustig aan en met kleine hardloop stapjes kom ik boven,door velen wordt er geploeterd om boven te komen. Rechtsaf richting het dorp waar de verzorging post is, ik heb nu toch wel zin in wat vocht. Tot mijn verbazing is bijna alles op en ik zie nog net op tijd een bekertje water staan op de hoek van een tafel, ik grijp deze en neem een paar kleine slokjes terwijl ik loop. Nog ongeveer 4 kilometer te gaan en ik voel dat het tempo er weer in komt. Door het dorp waar je door de kou trotserende supporters van alle kanten wordt aangemoedigd: Fryslân zet hem op. Ik haal verschillende ploegjes en lopers in en zelfs in de laatste kilometer kan ik nog iets versnellen wie had dat gedacht, ik hoor de opzwepende muziek deels door de windvlagen heen als we het circuit weer oplopen, nog een paar honderd meter en dan passeer ik de finish. Een voldaan gevoel overheerst, ik heb het geflikt. Ik neem mijn medaille en sportdrank in ontvangst en zoek gauw mijn aanhang op, we zijn het snel eens, weg van hier veel te koud, richting het huisje, lekker opwarmen en een warme douche.
Marcel.

Zandvoort Circuitrun, zondag 24 maart 2013, Marcel Swart, 12 km 1:13:34

maandag 25 maart 2013

32 VAN KAMPEN

32 van Kampen, zaterdag 23 maart,2013. Sytze Hillbrand op weg naar de finish.

In voorbereiding op de marathon van Rotterdam liepen Sytze Hillbrand en Hindrik Drenth in Kampen een 32 kilometerwedstrijd. Sytze Hillbrand liep de 32km in 2:41:08, Hindrik Drenth in 3:05:35.

dinsdag 19 maart 2013

LOPEN IS PLEZIER



Hardlopen is al jaren populair. Het past in deze tijd. We hebben het druk met werk, met het gezin, met familie, met vrienden en kennissen. We zijn op zoek naar ontspanning en we proberen gezond te leven. Bewegen moet volgens de deskundigen. Hardlopen levert mentale ontspanning, het draagt bij tot een gezonde leefstijl, het kan helpen om af te vallen en/of om je gewicht op peil te houden. Beginnen met hardlopen vereist enig doorzettingsvermogen. Start to Run is een verantwoorde manier om met hardlopen te beginnen. Na verloop van tijd ervaar misschien hetzelfde als..............
Het is maart; het is ongemeen koud en guur. Het is kortom onaangenaam. Dit jaar is het nog erger dan andere jaren. Het voorjaar dient zich op geen enkele manier aan. Geen buitelende kievieten boven de weilanden, geen gegrutto hoog in de lucht en zelfs de hazen laten zich nauwelijks zien in het land. Als je naar

Groepsfoto Start to Run en clinics 5km
buiten gaat, is het maar de vraag of je droog thuis komt. Het regent geregeld en niet zelden sneeuwt het. En om het helemaal compleet te maken waait het vaak ook nog stevig. Daar sta, of misschien zit je dan als liefhebber van hardlopen. Je kijkt naar buiten. De lust vergaat je. Het is grijs en grauw, de wind is guur en de mensen die op straat zijn te vinden, zijn er omdat het moet. Diep weggedoken in de winterjas, handschoenen aan en muts op. In je hoofd speelt er op dat moment maar een gedachte. “Over anderhalve week ga ik een halve marathon lopen. Dus.....”. Tja, je moet nog wat trainingsarbeid verrichten, want anders wordt het niks. Je kijkt nog maar eens naar buiten en stelt vast dat het regent. Je vermant je en je gaat je verkleden. Tight aantrekken, daar is geen twijfel over mogelijk. Een thermo hemd en dan een shirt met lange mouwen en tenslotte een jack, wind dicht. Natuurlijk trek je een paar handschoenen aan en zet een muts op.  
Daar ga je. Gelukkig kom je de eerste paar honderd meter geen levend wezen tegen, maar de wind wel. Als je een hoek om gaat, krijg je de volle laag. Je benen worden bijna onder je vandaan geslagen. Maar je laat je niet kennen en je vervolgt je weg. Je brengt je ademhaling op orde, je probeert je romp goed te strekken en je laat je armen hun ondersteunend werk doen; vanuit de schouders en in een hoek van 90˚ tussen boven- en onderarm. In het begin heb je het koud, maar al gauw ben je opgewarmd. Je groet een bekende aan de overkant van de straat die de hond uit laat. Je ontwijkt de plassen en kijkt goed uit voor stoepranden en 

Groepsfoto clinics 10km
paaltjes. Eenmaal in het buitengebied heb je daar geen last meer van. Het begint licht te sneeuwen. Even denk je: “waar ben ik aan begonnen?” Maar die gedachte is van korte duur. Je loopt in een rustig duurloop tempo en het gaat best lekker met de wind schuin achter. De sneeuw blijft hier en daar een klein beetje liggen. Het fietspad waarop je loopt, is blijkbaar onlangs nog gestrooid, want glad wordt het niet. Af en toe laat jij je blik over de weilanden gaan. Een paar schapen hokken dicht tegen elkaar aan. Ze kijken je meewarig aan. Even verder op zitten twee zwanen in de middle of nowhere. Ze lijken geen last te hebben van het weer. Jij loopt. Af en toe kijk je even op je horloge; je let op tempo en afstand. Het gaat nog steeds lekker zo voor de wind. Maar je weet dat je terug moet. De weg buigt na zo’n 7 tal kilometers naar rechts. Even later begin je aan de terugweg. Je hebt de wind nu tegen; gelukkig sneeuwt het niet meer. De wind is koud en dat voel je, vooral in je gezicht. Het is niet anders, je moet tenslotte weer naar huis. Je loopt voor wat je waard bent. Je probeert het tempo vast te houden en dat lukt je vrij gemakkelijk. Toch komt die man met de hamer nog even langs. Op het deel van het traject zonder enige beschutting en daar waar het asfalt  van het fietspad over gaat in tegels zijn er veel kuilen en oneffenheden. Het loopt ook nog schuin, in de breedte, zodat je het gevoel hebt dat je ene been te kort is en het andere te lang. Je voelt het goed in je heupen. Je begint in je zelf te mopperen, je vervloekt de gemeente omdat ze wel de wegen, maar niet de fietspaden onderhouden. Het ontbreekt er maar net aan of je krijgt medelijden met jezelf. Je denkt aan thuis, aan de warmte, aan een kop koffie. Je moet voort. Maar net zo onverwachts dat je werd getroffen door de hamer is je ellende ook weer voorbij. En naarmate je dichter bij huis komt, kom je in een beter humeur. Je hebt het hem toch maar geflikt, je bent blij dat je bent gegaan. Na ruim 14 kilometer loop je de straat in waar je woont. Je wandelt het laatst stuk. Het begint opnieuw te sneeuwen. Een voldaan en euforisch gevoel maakt zich van je meester. Eenmaal binnen in huis zijn het je huisgenoten die hun medelijden niet onder stoelen of banken steken. “Was het koud? Ja, het was koud, maar goed te doen”. Blikken van ongeloof zijn je deel. “Ik heb lekker gelopen. Man, je bent zeiknat. Tja, dat weet ik ook wel”, is je antwoord. Ze geloven je niet als je nogmaals vertelt dat het veel minder erg was dan zij vermoedden. Je drinkt een paar glazen water en stapt daarna “vrolijk fluitend” onder de douche. Even later onder het genot van een kop koffie weet je een ding zeker: Je bent een bevoorrecht mens dat je kunt (hard)lopen.
Meeloper

maandag 11 maart 2013

START TO RUN OF START TO RAIN

Zaterdag 9 maart, half 10.
                                                                                                   
Je moet wel liefhebber van het hardlopen willen worden. Het regende, het waaide en de temperatuur kwam niet boven de 1˚ uit. Voeg daarbij een  gevoelstemperatuur van ruim onder nul en toch waren er zo’n 70 Start to Runners aanwezig op de eerste dag van de loopcursus voor beginners in het De Hooppark achter het zwembad in Sneek. En als je dacht dat je al hard lopend jezelf warm zou rennen, dan kwam je bedrogen uit. Eerst uitleg, veel uitleg. Dan wandelen door het park naar het pleintje bij het zwembad, en vervolgens wat oefeningen voor armen, benen en heupen. Net als je je afvraagt wat dit nou allemaal te maken heeft met hardlopen loop je naar de verder op gelegen tennisbanen om een aantal looptechnische oefeningen uit te voeren. Deze looptraining zet je op andere gedachten en brengt je meer in de (loop)stemming. Je voert trouw de opdrachten uit: “dribbel en wikkel je voet af vanaf de tenen, hef je knie een voor een, dribbel en


“sla” met je hak tegen je bil”, je beweegt op bevel je armen, je loopt rechter op dan ooit en je probeert de aanwijzingen van de trainers zo goed als mogelijk uit te voeren. Je hebt het gevoel dat je het nu echt gaat beginnen. Maar dan is het al weer voorbij en dribbel en wandel je weer naar het park. Daar moet je dan nog 1 min – 1 min – 2 min – 1 min – 1 min – 2 min dribbelen telken male afgewisseld met 3 min wandelen. Dat is allemaal te doen, voor de een wat beter en gemakkelijker dan voor de ander. Je vergeet  heel even de kou. Maar die voel je des te beter bij de cooling down, waarbij je het gevoel hebt dat al die oefeningen overbodig zijn, want je wordt vanzelf wel koud. Tenslotte word je nog even met de neus op de feiten gedrukt: “doe je huiswerk met het oog op de training van volgende week”. Iedereen is kletsnat en heeft het koud. Tevredenheid was er in ieder geval bij Karin, Durk en Frank over opkomst en enthousiasme van de deelnemers. Hopelijk is het volgende week droog!
Meeloper

OVER KOU, MODDER, HEKKEN EN WIND: MERENLOOP 2013

Druk is het wel, daar in het centrum van Grou en koud ook. Voor de toeschouwers/supporters is het niet echt prettig. Een straffe noordooster is er de oorzaak van dat het erg onaangenaam vertoeven is.  De deelnemers zullen zich nog wel wat warm kunnen lopen, maar alle anderen zijn te beklagen. Het is niet anders.
Voor elk wat wils                                                                                                                  --de 14 kilometer geldt als een klassieker en is vooral pittig wanneer het nat en koud is (geweest), maar ook uitdagend vanwege het traject door de veelal sompige weilanden en de hekken die beklommen moeten worden;                                             --de 10 kilometer staat bekend als de Merenloop in het klein, waarbij het traject door het weiland, dus ook de hekken, voor het grootste deel wordt vermeden;      --de 5 kilometer, de gelegenheid bij uitstek om een persoonlijk record te lopen;    --de jeugdlopen voor de maximaal 12 jarigen en tenslotte de mogelijkheid om wandelend de 14 kilometer de baas te worden.
 Het is mijn eerste keer hier in Grou. Het is koud, gelukkig regent/sneeuw het niet, zoals voorspeld. De warming up heb ik achter de rug. Ik sta op het Halbertsmaplein en velen met mij. Ik heb verhalen aan gehoord over de Merenloop. Verhalen over hekken, blubber, valpartijen en wind. Ik heb zo’n plastic poncho aan. Zo blijf ik tenminste redelijk op temperatuur.

Koude voorpret op de pream
Ouwe rotten                                                                                                                     Diegenen die al vaker aan de Merenloop hebben meegedaan weten wat ze kunnen verwachten. Zij scheppen er behagen in om hun beproevingen van een van de vorige edities, al of niet wat aangedikt, uitvoerig en luid te bespreken. De tunnel, die twee maal genomen moet worden, wordt afgeschilderd als een dieptepunt in de meest letterlijke zin en het traject door het weiland zou door de zuigende kracht van de klei de grootste aanslag op de beenspieren zijn in je bestaan, de hekken zouden nauwelijks te nemen obstakels vormen en op die open vlakte (weiland) zou je een speelbal van de wind zijn. Zo wordt de tijd voor de start gebruikt om iedereen, maar vooral zij die voor het eerst hier in Grou meedoen, duidelijk te maken dat het geen sinecure is om De Merenloop tot een goed einde te brengen. Zij oogsten noch ontzag, noch veel bewondering met hun verhalen. Schouderophalend wordt het aangehoord, want wat moet je ook met zulke praat. Je hebt je ingeschreven, je wil een Merenloop shirt en je staat al in het startvak. Er is geen weg meer terug, je gaat ervoor en je zal er het beste van maken!
 Niet ver bij mij vandaan staat de man met ervaring. Volgens eigen zeggen loopt hij hier al voor de vijfde keer. Ik geloof hem graag, maar ik heb niets aan deze informatie. Hij weet er alles van en dat wil hij ook graag(ongevraagd) laten weten. Zo vertelt-ie dat-ie ooit een schoen verloor. Hij sprong over een hek, kwam neer in de modder, wilde verder lopen en ontdekte een paar meter verder dat-ie nog maar op een schoen liep. Hij terug om zijn schoen weer op te halen. Het schijnt gelukt te zijn, maar het heeft hem wel zeker 10 minuten gekost. Kon-ie eerst z’n schoen niet vinden; moest-ie ‘m uitgraven Tja, mensen maken wat mee, maar ik heb niet de indruk dat de omstanders veel geloof hechten aan het verhaal.


Weersomstandigheden maakten het parcours loodzwaar
Al binnen                                                                                                                                     Wachten op het startschot. De jeugd is inmiddels al weer gefinisht. Bij de start zijn ze in volle vaart vertrokken. Na afloop vermoeide en verhitte hoofden, met trots hebben ze hun medaille en een verrassing in ontvangst genomen. Vol bravoure wordt er over “hoe ver en zwaar” het was verteld. Maar de vermoeidheid is snel verdwenen. Een enkeling stort zich nog even op het springkussen.  
Ook de wandelaars zijn binnen. De meesten hebben het koud als ze de finish passeren. Ze zijn opgelucht dat het voorbij is. Het onthaal met koffie en cake onderweg werd onder deze barre omstandigheden erg gewaardeerd. Het vooruitzicht van een kop erwtensoep doet wonderen. Iedereen blikt dan ook tevreden terug.

Start                                                                                                                                               De hardlopers starten met een tussenpose van 20 minuten, te beginnen met de 14 km. Als het schot is gevallen het gebruikelijke tafereel. De wedstrijdlopers voorop en daarachter komt langzaam maar zeker de meute in beweging. Druk gekakel tussen de lopers onderling en aanmoedigingen vanuit het talrijke publiek. Hier en daar loopt men elkaar wat in de weg, maar met de nodige inschikkelijkheid komt iedereen zonder kleerscheuren de eerste honderd meter door.
Langs het kanaal is het pad erg smal. Passeren is een hachelijke zaak. De berm is erg ongelijk en glibberig door de sneeuw. Voorzichtigheid is geboden. Het lukt me niet om bekende lotgenoten in het oog te houden. We hebben elkaar vooral succes toegewenst. Dat staat vandaag gelijk aan “doe voorzichtig en voorkom blessures”. Succes onder andere omstandigheden en op een parcours zonder weiland en hekken staat gelijk aan “loop hard, maar vooral niet zo hard als ik”. Maar vandaag is het anders! Dan een waarschuwing “klein stukje modder”. Ik probeer nog te voorkomen dat ik door de blubber bagger en balanceer stapvoets over een smalle loopplank. Ik ben niet de enige.

Verder                                                                                                                                           En dan is er ruimte. Verder op weg naar de tunnel krijg je gelegenheid om in je ritme te komen. De stemming is ogenschijnlijk goed en het tempo ligt hoog met de wind in de rug..
Ik kijk wat om me heen. De meesten zijn goed ingepakt; mutsen en handschoenen en als ik het goed inschat minstens een paar lagen kleding onder het jack. Toch is er een enkeling, die schijnbaar geen last heeft van de koude. Letterlijk blootshoofds en een driekwart broek. De gezichten staan strak; er wordt af en toe nog een woord gewisseld.
Dan een bocht naar rechts om vervolgens als er drie kilometer op zit een draai van 180˚; het talud van de tunnel. Eenmaal beneden moet je ook weer omhoog, een keihard gegeven. Het is de eerste beproeving deze middag. Menigeen heeft het moeilijk, maar eenmaal boven is het leed gauw geleden.
Ook ik had het wat moeilijk; het ging allemaal niet zo soepel, het tempo zakte behoorlijk. Het groepje waarin ik liep is uit elkaar gevallen. Veel moeite met de ademhaling. Ik hijg dan ook als een molenpaard. Maar eenmaal boven op het vlakke stuk heb ik mijn ademhaling weer snel op orde. Dan een “verrassing”, die eigenlijk verrassing mag zijn, want je wist wat je te wachten stond. Ik denk; “ nu al het weiland in”? Ja en hoe! Er is geen ontkomen aan. In de eerste de beste bocht dreig ik onderuit te glijden, met moeite houd ik me staande. Modder overal. Binnen de kortste keren zit ik eronder. En dan............zoveel mogelijk aan de buitenkant van het “pad” je weg zoeken. Maar molshopen, kuilen, kluiten klei, restanten van maïs zijn overal. Na een honderdtal meters kan het je niet meer schelen. Je ploetert voort.


Hardlopen en lol onderweg
Lopen en lijden
Liep je nog in een min of meer vast groepje, dat kun je nu wel vergeten. Er zijn er die ogenschijnlijk ineen storten; het tempo zakt drastisch en het gezucht en gekreun neemt fors toe. Maar er ontstaan nieuwe groepjes, maar van korte duur. Het is weer ieder voor zich en het drassige weiland voor ons allemaal. De hekken vormen een hoofdstuk apart. Je hebt erbij die zo’n horde nemen alsof ze over een drempel stappen. Dan zijn er die voorzichtig, trede voor trede/spijl voor spijl/stang voor stang/plank voor plank, het hek de baas worden en boven op het hek hun hoogtevrees met moeite weten te overwinnen. Er zijn die met één stap boven op het hoogst punt staan en dan met een sprong hun weg vervolgen. Eenmaal het hek genomen wordt de tocht hervat. Bij hek nr. 4 is de aardigheid er bij de meesten wel af; de gezichten staan op onweer en lopen is lijden geworden. Maar aan alles komt een eind.
Eerlijk is eerlijk, ik ben blij dat dit deel erop zit. Het was zwaar. Ik had moeite om na een hek weer in het ritme te komen. Daar hadden er meer last van. De modder zit overal; schoenen, broek, jack en zelfs spatten op mijn bril. Ik ben niet de enige die er zo bemodderd uitziet. Ik vond het ergste van een hek de afsprong. Soms kwam je in de sompige grond terecht en dan weer landde je op een onverklaarbare manier toch op een harde ondergrond. Velen waren je al voor gegaan, dus de grond zat vol met kuilen en bulten. Het was uitkijken geblazen. Na een ruim 7 kilometer nader ik het Prinses Margriet kanaal weer. Aan de overzijde ligt Grou. Met de wind in de rug gaat het voorspoedig. Ik haal wat lopers in; een tweetal hekken staan open. Dat scheelt. In de verte zie ik de lopers van de 10 kilometer. Hier is het weiland niet zo stuk getrapt. Ook dat scheelt. Dan, wanneer de route weer verhard is, voegt de 10 kilometer bij. Het is even druk. Gelukkig is de tunnelroute breed genoeg.

Meeloper op oude schoenen

Van diepte- naar eindpunt                                                                                                      De gezichten klaren weer op als het weiland wordt verlaten en op het 9 km punt is men de ontberingen vergeten. De ervaren Merenlopers weten dan dat de man met de hamer nog op de loer ligt. De tunnel doet zijn slopende werk. Er zijn er die er de brui aan lijken te geven. Wandelend komen ze boven en moeizaam hervinden ze zich.
Deze tunnelgang gaat heel wat gemakkelijker dan de eerste. Vraag me niet hoe het komt. Het zijn van die onverklaarbare en mysterieuze krachten in de sport. Het geeft in ieder geval een goed gevoel.
Na de tunnel het stuk weer langs het kanaal. Tegenwind. Een enkele toeschouwer, kou kleumend, langs de route op zoek naar een bekende. De muziek wordt hoorbaar. Een bocht naar links, een blik op het Pikmeer,het Theehuis rechts, boten liggen nog in winterse rust aan de steigers en dan die poort: DE FINISH. Het zit erop. De wedstrijdlopers zijn al lang binnen. Ze hebben de prijzen verdeeld. De erwtensoep smaakt als nooit te voren. De verhalen gaan over hoe zwaar het was, over die rottige hekken, over het lange talud van de tunnel, over het gladde traject door het weiland en over hoe smerig schoeisel en kleding is geworden. Er wordt ook gelachen, geen leed vermaak, maar gewoon omdat het “leuk” was, om die ene man die uitgleed en was gevallen in de modder en over hoe harkerig sommigen over de hekken zijn geklommen. Tijden worden uitgewisseld en met elkaar vergeleken in het besef dat iedereen zich “uit de naad” heeft gelopen. Een voldaan gevoel neemt bezit van de lopers. Met een ervaring rijker vertrekt de een na de ander huiswaarts. Wat het weer betreft: Hoewel het koud was en de wind onaangenaam, heeft het niet gesneeuwd, noch geijzeld, noch geregend. En dat was een geluk. Ach, het viel achteraf allemaal wel wat mee. Indachtig het spreekwoord: “de mens lijdt het meest van de zorgen die hij vreest” nemen we afscheid van de Merenloop 2013. Het wordt langzaamaan weer rustig in Grou.
Meeloper                                                                                      (foto's Janke van der Schaaf)

Jeugdloop 2,5 km Wouter Klasen 16.75

5 km: Tialda Brouwer 28.43; Titia Brouwer 28.46; Peter Meylis 30.21

10 km: Durk Brouwer 54.34; Inge Klasen 1.01.18

14 km: Hans Jan Jaspers 1.06.59; Pieter Klasen 1.13.26; Frank Klasen 1.15.01; Klaas van Tricht 1.15.43

De uitslagen zijn niet helemaal compleet.

Overige uitslagen zijn te vinden op: http://www.merenloop.nl/uitslagen.html


CITY PIER CITY LOOP



Waar de rest van de loopgroep koos voor de Merenloop gingen Bert en Anthoon richting Den Haag voor de “City pier city loop” (halve marathon). Niet de stront en de hekken maar het Kurhaus en het Malieveld.  Ook in Den Haag was het koud. Maar gelukkig hadden Bert en Anthoon toegang tot het business center op het Malieveld. Waar velen de drek van alle regen van zaterdag onder de schoenen hadden konden Bert en Anthoon zich warm omkleden en voorbereiden.
De start vanuit vak C ging snel. Ondanks dat er in totaal 35.000 lopers zijn waren Bert en Anthoon binnen 10 minuten over de start. Dat bleek in de eerste kilometers ook wel. Het was druk en nog eens druk. Soms stond het zelfs even stil. Maar de volgende kilometers ging het beter. Op richting Scheveningen.
De kilometers naar Scheveningen gingen prima. Anthoon liep in een gestaag tempo van 10 kilometer richting Scheveningen. Bert had echter wat problemen en kreeg na een kilometer of 10 kramp in zijn kuiten en moest zelfs even stoppen. Bert was van plan 1:50 te lopen maar dat gaat met kramp in de kuiten niet lukken. Hij heeft uiteindelijk toch nog 1: 55:51 gelopen wat een puike prestatie is met kramp in de kuiten. Aanzetten wil dan niet meer.
Op de boulevard kregen ze de koude noordoostenwind op de snuit en was het enigszins vals plat. Een pittig stukje. Maar daarna draaiden ze de boulevard op en gingen bij het casino de bocht om daarna bijna in een rechte lijn (van 6 kilometer) naar de finish te lopen.  Onderweg begeleid door soms keiharde dance muziek. Super stimulerend!!
In laatste kilometers de pijn verbijten om nog even aan te zetten. Helaas lukte dit Bert niet meer omdat hij bang was dat de kramp er weer ging schieten. Anthoon heeft zijn laatste krachten nog aangewend om  beneden de 2:06 te blijven. Wat een goed gevoel om over die finishlijn te lopen.  Niet te beschrijven. Voldaan, pijn en opgelucht dat zijn de woorden die boven komen.
Al met al een superdag en geen spijt dat we niet voor de Merenloop hebben gekozen. Volgend jaar weer!!!
Afzender: Haagse Harry

Bert:  1:55:51
Anthoon:  2.05.48

dinsdag 5 maart 2013

KNIPE CROSS


Knipe Cross, zaterdag 2 maart.
  
Afgelopen zaterdag organiseerde AV Heerenveen in samenwerking met Faber Sport de laatste wedstrijd van de Wintercompetitie seizoen 2012-2013. De Knipecross staat bekend bij de atleten als een van de zwaarste in de serie, waarbij guur weer de atleten vaak ook nog parten kan spelen.
 Dat laatste was zaterdag zeker niet het geval. Met een temperatuur van ca. 5°, weinig wind en droog weer waren de omstandigheden zelfs gunstig te noemen. Bovendien had het droge weer in de afgelopen periode er voor gezorgd dat het parcours er ook gunstig bij lag. De organisatie mocht zich dan ook verheugen in een deelnemers aantal dat bijna 30% hoger lag dan in het voorgaande jaar.
De organisatie zag zich genoodzaakt het parcours op de valreep nog enigszins aan te passen. De “survivalbrug” die altijd deel uitmaakt van het parcours bleek niet meer te verplaatsen. Om die reden werd besloten het parcours naar de brug brengen, in plaats van de brug naar het parcours. De deelnemers aan de korte afstand moesten een ronde van 5,6 km afleggen. De deelnemers aan de lange afstand moesten dezelfde ronde tweemaal lopen.


Deelnemers van loopgroep Sneek en een goede vriendin vonden de 5,8 km meer dan genoeg.

Tialda Brouwer                37:20 (rechts op de foto, nr 816)
Hilda de Jong                  31:32 (naast Tialda)
Titia Brouwer                  35:05 (te klein staat niet op de foto)
Lenie Pietersma               35:43 (roze shirt op foto)

(foto en tekst van Friesland-sport)