Trainen

Loopgroep Sneek traint op de dinsdagavond 19:30-20:45, donderdagochtend 09:00-10:15, donderdagavond 19:30-20:45, zaterdagochtend 09:30-10:45, locatie Zeilsoos-Sneeker Jachthaven, zondagochtend, clinictrainingen.

Loopgroep IJlst traint op de woensdagavond 19:30-20:45, locatie Sporthal Utherne.

Proeftraining of informatie: rnwths@gmail.com

woensdag 29 juni 2016

IK LOOP IN...........BURGOS

Een werelderfgoed en een park

We zijn inmiddels in Burgos aan gekomen. Een stad ten zuiden van Bilbao, land inwaarts en vooral bekend van een bijzondere kathedraal, vallend onder het 'Werelderfgoed'. We hadden ons er geen enkele voorstelling van gemaakt. Vanaf de camping fietsen we via een prachtige fietsroute in een kleine twintigtal minuten naar het centrum van de stad. Van verre steken de torens van de kathedraal in Gotische stijl boven de vele gebouwen uit. Eenmaal daar aangekomen vallen we van de ene

Burgos
verbazing in de andere; de grootte, de bijzondere vormgeving, de architectuur. Het is in een woord verbazingwekkend. Binnen schieten woorden te kort om deze bijzondere kathedraal te beschrijven. In het begin van de dertiende eeuw begon men met de bouw en in diezelfde eeuw was het grootste deel van de kathedraal voltooid. In de latere jaren/eeuwen is er het nodige bij- en verbouwd, maar dat is voor de leek niet direct waarneembaar. We krijgen veel informatie over de verschillende fasen van de bouw, over de 'architecten', over de monniken die er verbleven, over de vele bisschoppen die hun invloed hebben laten gelden en over de kunstenaars van de prachtigste beeldhouwwerken, schilderijen en bijbelse voorstellingen, vaak in reliëf, die in elke ruimte waar we binnen gaan zijn te bewonderen. Na ruim 2 uren zijn we verzadigd en 'vluchten' we naar buiten, naar de zon, naar een terras voor een versnapering en daar hebben we het er nog even over.
De stad zelf bekoort niet, maar dat kan natuurlijk aan ons liggen. De omgeving des te meer, dat parkachtige landschap, met z'n vele wandel- en fietspaden.

Bijzondere kathedraal
Vandaar dat ik de loopschoenen de volgende dag maar weer te voorschijn heb gehaald. Ik heb er zin in om de vele indrukken van de dag er voor te kunnen verwerken. Het is rustig als ik op pad ga; de meeste gordijnen van de campers en caravans zijn nog dicht. Het is overduidelijk vakantie voor de overwegend grijze lotgenoten. Dat ondanks het gegeven dat bijna alle caravans en campers voorzien zijn van fietsen. Ik loop in een gezapig tempo naar de uitgang van de camping, sla rechtsaf het park in op weg naar de rivier. Ik ben niet de enige; het is al een drukte van belang met vooral wandelaars en hardlopers.
Vandaag heb ik besloten om een wat hoger tempo aan te houden dan de afgelopen keren. Dat lukt me aardig. Ik groet links en rechts collega hardlopers met een buenos dias. Gezien hun reactie zeg ik niks verkeerds. Ik loop vnl in de schaduw en dat is prettig, want ondanks het 'vroege' uur is de warmte vandaag al voelbaar. De schaduw wordt veroorzaakt door vooral populieren en platanen. Het lopen gaat goed, mijn humeur stijgt. Aan de rand van de stad gekomen besluit ik om nog niet om te keren. Ik daal af naar de bedding van de rivier. Je moet je dat als volgt voorstellen. Het wandel- en fietspad langs de rivier ligt zeker 2 meter hoger dan het waterniveau. De rivier zelf is niet breder dan een meter of 3 à 4. De gehele bedding is 30 meter minimaal breed, er loopt een smal en slingerend paadje evenwijdig aan de waterstroom. Tussen de bedding en de fiets- en wandelpaden is een muur gebouwd. Daarin zitten uitsparingen om bij het water te komen.
Ik loop over het smalle paadje, soms een voet breed, maar meestal ietsje ruimer om de voeten neer te zetten, vol kuilen en bezaaid met stenen. Het is dus goed opletten geblazen en dat ik nu wat langzamer moet gaan lopen om geen verstuikte enkel, of erger nog op te lopen, komt me goed uit. Het is heftig, maar leuk. Hier en daar vissers in waadpakken en gewapend met een hengel op 'zoek' naar forellen. Een man laat zijn hond uit. Ik loop onder een drietal bruggen door. Onder de laatste ontwaar ik wat karton, een boodschappenkarretje van een supermarkt, wat vodden en wat ooit een deken is geweest. Waarschijnlijk de thuishaven van een dakloze. Dan wordt het tijd terug te gaan.  Dezelfde weg terug, maar dat is niet saai. Tenslotte loop ik hier voor het eerst.
Eenmaal terug op de camping stel ik tevreden vast dat het iedere keer dat ik loop weer wat beter, wat gemakkelijker gaat.


Wordt vervolgd

maandag 27 juni 2016

BOERENLOOP, ABBEGA

Boerenloop Abbega, zaterdag 28 mei, 2016

Uitslagen, 5km Sietske Yska 27:30 10km Henk Groen 56:17  Hinke Osinga 1:05:16

Henk, Hinke en Sietske vlak voor de start

LOOP LEEUWARDEN 2016

Start en finishlocatie op het zaailand, een groot hardloopfeest
Als afsluiting van de voorjaar clinic met alle Loopgroepen naar Loop Leeuwarden. Vanwege het 10 jarig jubileum een nieuwe start en finishlocatie. Dit jaar weer een grote deelname van onze Loopgroepen met voor elke afstand een warming up. Weer een zeer geslaagd hardloopfeest!

dinsdag 14 juni 2016

IK LOOP IN..........SAINT DE LUZ

..........Saint Jean-de-Luz en ............
Het lopen is er weer bij gebleven. Als we om een uur of drie, vier op een camping aan komen en de volgende morgen om een uur of negen vertrekken, blijft er weinig tijd over voor het lopen. Een boek lezen, de inwendige mens verzorgen, sociaal gedrag vertonen, het kost allemaal zeeën van tijd.
St.Jean-de-Luz, de omgeving nodigt uit voor een verblijf van een paar dagen. Nu geen smoes meer om niet te gaan lopen. Of toch.......? De aankomst is veelbelovend. De zon schijnt, de temperatuur nodigt uit tot buiten zitten. De camping ligt op nog geen vijftig meter van zee. De kust is rotsachtig, met hier en daar een klein stukje strand. Nergens is het vlak. Het fiets- en wandelpad loopt langs de kust en kent, zowel de ene als de andere kant op, hoge bergen en diepe dalen. Ik bereid me voor onder het genot van een goed glas op de dag van morgen.

Saint de Luz
Het regent 's nachts en het waait, ik word er wakker van. 's Morgens regent en waait het nog, ik heb een alibi. In de loop van de dag klaart het weer op en de verwachting is dat het morgen een mooie dag zal worden. Dus ........... Ik deel al vast mee dat ik morgen zal gaan lopen met de bedoeling dat mijn 'omgeving' mij zal herinneren aan mijn voornemen.
Daar hoef ik ook geen enkele illusie over te hebben. Als ik mij in alle vroegte na een verkwikkende douche mijn kleding bij elkaar pak voor een gewone dag, word ik er aan herinnerd dat ik toch zou lopen? Ik rek het ontbijt door een extra stuk stok brood en nog een kop thee. Als ik wil helpen afwassen ...... 'ga nou maar!' Zonder gezichtsverlies is er geen ontkomen meer aan. Ik ga......

Camping aan zee
Ik wandel een klein stukje over de camping. Veel leven is er nog niet. Het is niet koud, de zon schijnt en het waait niet hard. Joggend verlaat ik de camping. Rechtsaf, vals plat. Helaas voor even. Dan steil, maar dan ook echt steil om hoog. Binnen de kortste keren heb ik mijn maximale hartslag bereikt. De benen dreigen vol te lopen. Ik werp een blik naar links. De Golf van Biskaje ligt er prachtig bij. Bijna boven buigt mijn pad ietwat naar rechts. Het mooie uitzicht wordt mij ontnomen door een huis, bomen, struiken en een nog hogere rotspartij. Dan kan ik op adem komen, het is wat minder steil. Ik loop over een smal asfalt weggetje. Nauwelijks honderd meter verder zie ik een pad links van de weg. Zal ik wel, zal ik niet..... Ik ga. Omhoog en steil, het is oppassen geblazen. Het is smal en uitgesleten door regenwater, veel losse stenen, kuilen en gaten. Struik begroeiing links en rechts. Ik stijg snel, dat zegt iets over de helling, laat dat duidelijk zijn en niets over mijn snelheid. Het pad naar de Vuurtoren op Vlieland is er kinderspel bij! 'Boven' heb ik heel even het zicht op de Oceaan. Het is jammer dat de struiken die dicht opeen groeien elk verder uitzicht belemmeren. Ben je met veel gehijg, gesteun en gekreun boven aangekomen en heb je de hoop dat je heel even een vlak stukje treft om op adem te komen, dan moet ik je teleurstellen. Je mag/moet weer om laag en even later weer omhoog. Dit ritme van hoog naar laag, en weer omhoog herhaalt zich vele, vele malen. Een enkele keer, vaker dan mij lief is, hebben de architecten van dit pad, een trap laten uithakken in de rotsachtige bodem om de hellingshoek wat te verbloemen. Ik tel de treden; de meeste hebben er twintig of meer. In het begin neem ik ze lachend, maar bij de zoveelste vergaat het lachen mij. Het kost moeite en dat is een eufemisme voor pijn lijden. Het is en blijft vrije wil. Niet klagen, maar dragen. Dat wordt me vaak aan m'n verstand gepeuterd als ik 'thuis' hijgend, bezweet en niet in staat tot wat dan ook neerzijg op stoel of bank. Ondanks dat het zwaar is, dat het pijn doet, dat als-een-berg-er-tegen-op-zien, geeft het veel voldoening. Zo zwoeg ik meter na meter voort. Ik geniet van het onverwachte. Ik loop omhoog, de blik op het pad gericht om niet te vallen, een enkel te verzwikken of erger nog. boven gekomen af en toe een prachtig uitzicht op de Oceaan. Naar beneden, de blik strak op het paadje, de rem erop, want anders kom je zonder moeite, maar met blauwe plekken,

Kinderspel
schrammen vallend ergens tot stilstand. Ik voel de benen steeds heftiger, het zweet gutst, de ademhaling kan niet sneller. Dan, tot mijn opluchting overzie ik een groot deel van de nog af te leggen route. Ver beneden mij een baai met een klein strandje, een klein bootje op de kop, golven slaan kapot op de rotsen die de baai omzomen. Ik besluit dat daar mijn keerpunt ligt. Opgewekt 'stort' ik mij naar beneden. Eenmaal beneden kom ik even op adem, ploeter wat in het zand rond en draai me om. De schrik slaat me om het hart als ik me realiseer dat ik daar weer omhoog moet. Maar er is geen alternatief. Een diepe zucht en gaan.
Ik zal niet beweren dat de terugweg een en al ellende was, nee zeker niet. Het was ook geen makkie. Ik heb niet hoeven wandelen, ik heb niet stil gestaan om op adem te komen, ik heb niet gedacht was het maar voorbij. Eenmaal aan de 'finish' ben ik niet bij de pakken neer gaan zitten, ik kwam zelfs vrij snel weer op adem en ook nog zonder infuus. Al met al toch maar mooi weer een negental kilometers in de benen, zonder nadelige gevolgen!

We houden het gezien in St. Jean-de-Luz. Bilbao staat nog op het programma. We vertrekken met prachtig weer, het is warm, drukkend warm zelfs als we om een uur of negen vertrekken. Eerst op zoek naar de snelweg om Frankrijk uit te komen. We kronkelen door nauwe straatjes met links en rechts auto's geparkeerd. Het asfalt is hier en daar niet meer aanwezig en de boomwortels hebben hun werk gedaan. Overal hobbels, bobbels en kuilen. Maar eenmaal op de Peage, de snelweg, naar Bilbao, is het leed snel geleden. Het weer betrekt, de temperatuur daalt naar een bedenkelijk niveau. De route biedt prachtige vergezichten over de Golf van Biskaje. Was het toen we vertrokken nog vrijwel windstil, een uurtje later is daar geen sprake meer van. Windkracht 5 tot 6 schat ik in aan het gedrag van de caravan te merken. Het is niet erg druk onderweg en met een gemiddelde van een kilometer of 70 bereiken we zonder problemen een plaatsje even voorbij Bilbao. Om bij de camping te komen draaien we van de weg af. Even later een scherpe bocht naar rechts en dan een zeer steil weggetje, waarbij ik vol in de remmen en met ingehouden adem besef dat er geen weg meer terug is. Zonder kleerscheuren komen we heelhuids beneden. De ontvangst op de camping is aller vriendelijkst. De ligging van de camping t.o.v. Bilbao, de stad die we willen bezoeken vanwege het Guggenheim museum, werd ons aangeraden: een prima busverbinding brengt je in een half uur op de plaats waar we moeten zijn.
Het weer verandert snel die middag. Het waait steeds harder en het begint uiteindelijk te regenen. De temperatuur bereikt de 14 graden niet,.

Guggenheim in Bilbao
De volgende morgen regent het nog steeds. In feite een ideale dag om een museum te bezoeken.
De busreis verloopt op zich spoedig. Maar voor we in de bus plaats kunnen nemen duurt het langer dan via de dienstregeling werd aangekondigd. 'Slechts' drie kwartier later dan 'beloofd' konden we instappen. Onder het motto: een kniesoor die daar moeilijk over gaat doen is het gemak van laat-je-rijden niet waard. Eenmaal in de stad Bilbao nemen we de tram, althans.....
We moeten wel een ticket uit een automaat halen. We staan te kijken, we lezen het in het Spaans en in het Baskisch, we snappen het niet helemaal, maar misschien ook wel helemaal niet. Een hulpvaardige Spanjaard biedt ons zijn diensten aan. Hij spreekt geen Engels, noch Frans, noch Duits en wij geen Spaans. We geven ons over. Het is hem duidelijk te maken dat we met de tram willen naar het Guggenheim. Helaas lukt het de goede man niet na eindeloos gehannes, met de automaat, ons aan een ticket te helpen. De tram stopt, hij 'duwt' ons de tram in en gebaart dat hij  het met de bestuurder wel zal regelen. Hij regelt het zo dat we gratis onze reis kunnen voortzetten. Wanneer hij even later uitstapt bedanken wij hem in alle toonaarden tot vermaak van alle andere passagiers. Wij reizen illegaal verder tot we bij de halte Guggenheim zijn. Daar vallen we van de ene verbazing in de andere, de schoonheid, de vormgeving, het gebruik van de materialen doen ons versteld doen staan. We zijn diep onder de indruk en wij heus niet alleen. Ook binnen staan we vol bewondering te kijken naar de constructie van het gebouw, ook daar zijn we verbaasd over de vormgeving van de ruimtes. Niets detoneert. De tentoonstelling zelf, van de moderne kunst, kost ons moeite. We doen ons best, maar komen tot de conclusie dat we niets in huis, in de tuin of waar dan ook zouden willen hebben, als we dat ooit zouden kunnen betalen. Wel worden verrast door vorm en kleur, maar we kunnen krijgen er geen grip op grijpen. Ik krijg de indruk dat we niet de enigen zijn, maar er zijn ook veel bezoekers die van goedkeurende kennersblikken blijk geven.
We aanvaarden de terugreis. De tram betalen we zonder problemen en zonder hulp, de bus laat niet op zich wachten en eenmaal op de camping hebben we het er nog eens over onder het genot van een goed glas.


Wordt vervolgd 

maandag 13 juni 2016

PIER LUPKESLOOP

Tjerkgaast, Pier Lupkesloop, zaterdag 21 mei 2016

Uitslagen 5km, Jetske de Wolff 30:45, Alice Nagelhout 33:16


vrijdag 10 juni 2016

IK LOOP IN........ZEEUWS VLAANDEREN

Van Sneek naar.....
Toen wij uit Sneek vertrokken ............ was het warm. Op weg naar het zuiden. Onderweg schommelt de temperatuur tussen de 22 en 28 graden. Uitzonderlijk voor de tijd van het jaar in Nederland. 'Straks', in zuiden van Europa heel normaal, maar dat is nog ver weg. Eerst naar Zeeland, naar Zeeuws-Vlaanderen om wat nauwkeuriger te zijn. Daar ontmoeten we vrienden, waarmee  verder zullen trekken.

Breskens
De camping ligt midden in het 'boerenland', kleinschalig en enigszins beschut. We gebruiken de eerste stop om in de juiste stemming te komen op onze tocht door Frankrijk, Portugal en Spanje. Aan het weer zal het niet liggen en daarom aan het Zeeuwse landschap ook niet. We fietsen wat
af. Van Breskens tot Cadzand en vanaf de kust naar de Belgische grens en even er over! Prachtige plaatsen bezocht met een rijke historie als Groede, waar Jacob Cats de scepter zwaaide, Sluis, Aardenburg, Oostburg en natuurlijk Eede waar koningin Wilhelmina in '45 voet op Nederlandse bodem zette na haar 'gedwongen' verblijf in Engeland gedurende de Tweede Wereld oorlog. Jacob Cats, de 17de eeuwse volksdichter, naamgever van het Catshuis, de residentie van onze minister president. Als Vader Cats stond en staat hij vooral bekend vanwege zijn overwegend didactisch en opvoedkundig getinte gedichten/gezegden, zoals 'Als de wijn gaat in de man, leyt de wysheyt in de kan' en 'Al draeght den aep een gouden ringh, soo is  het toch een leelick dingh'. Erg belangrijk is hij geweest voor de inpoldering, in het begin van de 17de eeuw, van een groot deel van Zeeuws Vlaanderen.

Oostburg
De loopschoenen heb ik niet voor niks meegenomen. Na een viertal weken noodgedwongen rust ga ik maar weer eens op pad. Ik zie er tegen op, het zal wel moeizaam gaan. Het plan is 2, misschien 3 minuten in een rustig tempo, vervolgens een tweetal minuten wandelen. En dat ga ik dan een aantal malen herhalen, onder het motto ik zie wel waar het schip strandt. De zon schijnt en er is niet veel wind. De bermen kleuren wit van de wilde margrieten en geel van de boterbloemen. De akkers zijn geploegd en wachtend op wat komend gaat, of voorzien van een groen gewas, zo'n dertig centimeter hoog, hetgeen na inspectie tarwe blijkt te zijn. Overal bossages, wit oplichtend van de bloeiende meidoorn. Een enkele kieviet scheert over de akker, een grutto schreeuwt het hoog in de lucht uit van vreugde en daar waar een sloot het landschap doorsnijdt wemelt het van eenden en ganzen.
 Het lopen gaat niet vanzelf, maar de aanblik van het voorjaar schenkt de burger moed. Zo vorder ik gestaag en geniet ik van de omgeving. Allengs kom ik tot de ontdekking dat de conditie niet helemaal is verdwenen. De drie minuten lopen worden er vijf en het wandelen wordt joggen. Toch is voorzichtigheid geboden, wordt men overmoedig dan komt hoogmoed voor de val. Het weggetje waarover ik mijn 'luiheid' tracht te verdrijven wordt aan beide zijden omzoomd door populieren die op gerede afstand van elkaar de eenvoud van het landschap accentueren. Voor mij, in deze hoedanigheid, een uitgelezen mogelijkheid om d.m.v. het vaartspel een dreigende martelgang af te wenden. Zo vorder ik al tellend afwisselend tien bomen joggend en tien bomen hardlopend in een steeds beter humeur mijn missie in de hoop om weer vreugdevol over een week of wat vrolijk fluitend de tien kilometer of meer te volbrengen. Als ik bezweet en wel op de camping ben weergekeerd kijk ik voldaan terug op deze eerste hersteltraining.

Een tweetal dagen later ga ik weer op pad. Ik stel mij voor dat ik mee loop in de zondags clinic. Dus rustig lopen in zone 2. De eerste honderd meter verwens ik de vorige gezellige dag. Het was prachtig weer, een extra glaasje wijn, een goed gesprek en een aangenaam gezelschap zijn daar debet aan. Geen gezeur, niet klagen, niet zeiken, maar lopen zal ik. De omgeving doet wonderen en het lopen gaat weer als vanzelf. De ronde die ik in gedachten had van een kleine tien kilometer volbreng ik zonder al te veel moeite. 'Thuis' gekomen overvalt me dat zeldzame voldane gevoel van wat iedere hardloper wel kent. Ik ben er weer, althans........?

De temperatuur daalde, maar ons humeur (nog) niet! Het zuiden lonkt, want wie denkt nou niet dat het daar altijd warmer is? België slaan we over, want daar zal het wel niet veel beter zijn. Dus op naar Frankrijk. We vangen een glimp op van Calais. Langs de snelweg zijn de parkeerplaatsen afgesloten. Hier en daar treffen we groepen gendarmerie. Van vluchtelingen merken we weinig. Van vrachtauto's des te meer. De camping in de buurt van Rouen bevalt ons matig, de temperatuur  ook. Dus na een nacht houden we het voor gezien. Van Pinksteren hebben we weinig gemerkt. We trekken verder zuidwaarts. We overnachten in de buurt van Le Mans en vernemen daar (over toeval gesproken) via internet dat Jos Verstappen in Barcelona het onmogelijke heeft waargemaakt. We worden er warm van. Helaas maar voor even, want de buitentemperatuur laat nog veel te wensen. Dus na een koude nacht maar weer verder.

De wijngaarden van Bordeaux, een walhalla voor wijnliefhebbers
We slaan vervolgens ons kampement op een 70 tal kilometers ten noorden van Bordeaux. De camping ligt te midden van wijngaarden in een licht glooiend landschap en een aardig eind verwijderd van de bewoonde wereld. De weg er naar toe is smal en voor het laatst, zeker meer dan vijftig jaar terug, van een verharding voorzien. Hier en daar een verlaten en vervallen boerderijtje, geen mens te bekennen. Ook bij de boerenbedrijfjes die nog in goede staat zijn treffen we weinig leven. Als we de camping opdraaien zijn we verbaasd over de hoeveelheid campers en caravans, vnl landgenoten en een enkele Engelsman. Hoe hebben ze het gevonden? De temperatuur is wat opgelopen, maar echt warm is het nog steeds niet. De wijn smaakt desalniettemin uitstekend, maar dat is voor ons geen reden hier langer dan een nacht te vertoeven. We 'moeten' verder. Het wordt St. Jean-de-Luz, nog net Frans Baskenland een een tiental kilometers van de Spaanse grens.

Wordt vervolgd.